De ‘Occupy’ beweging, revolutie is ‘big business’.   

 

De geschiedenis leert ons dat 'grassroots' bewegingen uiteindelijk kunnen worden overgenomen door diegenen die ze bevechten. Een volksbeweging in de 21ste eeuw moet waken voor valstrikken. Dat was zo in 1968 en dat is zo vandaag de dag. Een beweging kan worden geïnfiltreerd door handhaving ambtenaren en inlichtingendiensten of door een machtige andere partij worden overgenomen. 



Activisten kunnen verwachten dat de staat alle hulpbronnen zal gebruiken, ook zijn agenten, informanten en bewakingsapparatuur.  Het spreekt voor zich dat de sociale discussie door de overheid van alle kanten in de gaten zal worden gehouden en gecontroleerd. 

Een deprimerend idee is de gedachte dat deze hele beweging werd gepland en gelanceerd door de establishment, waartegen de activisten denken dat ze een strijd voeren. Hoe groter de beweging, hoe interessanter het voor een grote partij in Amerika wordt om deze te absorberen aan de linkerzijde of rechterzijde van het huidige tweepartijenstelsel. 

De plotselinge verschijning van ‘The Teaparty’ beweging in 2007 is hiervan een goed voorbeeld. Republikeins presidentskandidaat Ron Paul, die The Teaparty in 2008 begon, gebruikte het als een springplank om vrijheidsgezinde en grondwettelijke kwesties aan de kaak te stellen in zijn campagne. Kort daarop werd het door sleutelfiguren uit de conservatieve politiek en media gecoöpteerd.  Het werd niet langer geassocieerd  met het vrijheidsgezinde manifest en meer met opkomende cijfers binnen de republikeinse partij. Nu is het gemuteerd in een blok van Republikeinse kiezers. 

De Occupy Wall Street beweging is al de kant van de Democratische partij opgedreven.  Een aantal topfiguren uit de Democratische partij hebben de beweging in het openbaar gesteund. De mediafundraising en mediamachine van de Democraten (Move On) heeft de beweging geadopteerd. Net als de Teaparty zou de Occupy beweging als een uitlaatklep kunnen dienen voor kwesties die te heftig zijn voor de Democraten.
 
Ook bestaat altijd het gevaar van infiltratie. Uit vrijgegeven documenten en getuigenverhalen van veteranen blijkt dat vele activisten undercover agenten zijn, of FBI of M15. In de slechtste gevallen hebben geïnfiltreerde undercover agenten als provocateurs gehandeld. Zulke incidenten moeten dienen om een beweging te radicaliseren, zodat het in de ogen van de maatschappij zijn aantrekkelijkheid verliest. 

Hoewel de Occupy beweging wereldwijd is verspreid, weet bijna geen van de deelnemers wie deze heeft gestart. Na onderzoek vind je een keten van organisaties zonder winstbejag, die samen honderden miljoenen per jaar te besteden hebben. De oorspronkelijke oproep voor Occupy kwam van de internationale mediastichting Adbusters. Adbusters ontvangt zijn financiering van organisaties die achter de scènes werken zoals the Tides Foundation, een organisatie die gekoppeld is aan the Open Society Institute, van Wall Street multimiljonair George Soros.

Bijna alle foundations en denktanks doen aan onderzoek en organiseren seminars. In deze seminars wordt de buitenlandse politiek beïnvloed door bepaalde deelnemers te selecteren. Ze hebben dus een verborgen politieke agenda. Het is een ontmoetingsplaats voor activiteiten die niet aan de voorkant via de regering geregeld kunnen worden.

Freedom House is een andere partner van Soro’s Open Society Institute. Het ondersteunt het ‘Centre for Applied Nonviolent Action and Strategies’ (Canvas), een organisatie die is opgezet door de Serven Ivan Marovic en Srdja Popovic. Canvas geeft cursussen 'geweldloze revolutie', gebaseerd op de ervaringen van Otpor! (Servische protestbeweging van rond de eeuwwisseling) en de theorieën van Sharp.

Canvas heeft met activisten uit meer dan vijftig landen gewerkt: Syrië, Birma, Malediven, Libanon, Palestina, Nigeria. Canvas krijgt miljoenen.  Revolutie is big business.

De CIA ondersteunde de afzetting van Slobodan Milosevic in Servië en bezong het democratisch genie Marovic. Maar deze kwam uit de elitedenktank van Boston, professor Gene Sharp, professor in Harvard.  Het Albert Einstein Institution van Sharp wordt gesponsord door het ‘National Endowment for Democracy’ en de ‘Open Society Foundations’ en zijn werk is een bijbel voor de geweldloze revoluties.  Een handboek voor regime revoluties voor ‘dummies’. 

In de begindagen van de Occupy beweging in New York is Marovic gezien, terwijl hij een groep demonstranten toespreekt. Canvas is trots op hun rol in Egypte en Tunesië. Zij leerden hen competenties die de regeringen aldaar heeft doen omvallen. 

Wanneer de rust weerkeert kan het zijn dat de Occupy Wall Street deelnemers zich bewust worden dat hun revolutie een gecontroleerde was. De Occupy beweging kan dan hebben bewerkstelligd wat de elite wilde, dat waartegen de beweging in beginne was gestart. Om dit te voorkomen is het belangrijk de geschiedenis en de hefbomen te kennen van de machthebbers in de 21ste eeuw.  


Door Patrick Henningsen 
Vertaald door ‘t Vertalerscollectief