Eén volk, één rijk, één leider…

Twee columns van Prof. Bob Smalhout samengebracht die zeer actueel zijn in deze roerige tijd.

Steeds meer mensen weten niet meer hoe ze financieel het einde van de maand moeten halen. Er is een crisis. Voedselbanken krijgen steeds meer klanten. De bouw ligt voor een deel stil. Kleine zaken gaan failliet. Dokters moeten weer hun eigen studie gaan betalen en de cultuur wordt ernstig bedreigd. Pensioengerechtigden moeten jaren langer doorwerken en de zorg wordt geleidelijk onbetaalbaar. Spanje en Griekenland moeten mede door ons overeind gehouden worden. De internationale criminaliteit tiert welig omdat binnen de EU alle grenscontroles zijn opgeheven.

Al deze ellende vindt zijn oorsprong in de toenemende spanningen binnen de Europese Unie. De thans tien jaar in gebruik zijnde euro, die het symbool moest zijn van het EU-ideaal, is nooit populair geworden. Meer dan 70 procent van de Nederlanders wil het liefst onze 700 jaar oude, stabiele, handige en klassieke gulden terug. Al met al een goede aanleiding de historie van de Europese Unie en de euro nog eens te bestuderen. Bij het systematisch doorlezen van mijn eigen EU-archief wordt het duidelijk dat het hele EU-gebeuren gebaseerd is op bedrog, hele en halve onwaarheden, valse voorlichting en het smijten met geld. Vooral door sterk overschatte politici.

Alleen het allereerste begin was gebaseerd op een mooie naoorlogse droom, namelijk het voorkómen van een derde, allesverwoestende wereldoorlog, door het reguleren van de belangrijkste economische en industriële middelen. Zo ontstond in 1951 de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal. In 1967 werd daaruit de Europese Gemeenschap (de EG) gevormd, die in 1992 te Maastricht leidde tot de vorming van de huidige Europese Unie, de EU. Die zou garant staan voor blijvende vrede en welvaart.

Verhuizingen


Het Centrale Bestuur van de EU werd te Brussel gevestigd in een vergaderpaleis dat destijds al 1 miljard euro kostte. Het secretariaat kwam in Luxemburg en het parlement in Straatsburg terecht. Elke maand reizen 626 EU-parlementariërs op en neer van Brussel naar Straatsburg om te vergaderen. Ze worden gevolgd door twintig immense vrachtwagens vol met dossiers. Die absurde verhuizingen kostten tien jaar geleden al meer dan 1 miljoen euro per dag. Er werken in Brussel ruim 50.000 ambtenaren die ieder tussen de 10.000 en 21.000 euro per maand verdienen. Nog afgezien van speciale, ruime vergoedingen en soepele belastingtarieven. Brussel is de ultieme toekomstdroom geworden van alle in Nederland uitgerangeerde politici.

Al in 1970 kwam de Luxemburgse oud-premier Pierre Werner met het idee van een Europese eenheidsmunt, de latere euro, die de Europese eenheid en economie zou bevorderen. Een van de grote voorstanders van die euro was de toenmalige machtige Duitse bondskanselier Helmut Kohl. Vanaf die tijd werd de euro een soort heilig, religieus dogma. Als je er niet in geloofde, was je een ketter die meewerkte aan de ondergang van Europa. Als Nederland die euro niet accepteerde, dan zou ons land terugvallen naar het niveau van een ontwikkelingsland. Dan ging bij ons „het licht uit”, zei onze toenmalige minister van Economische Zaken Laurens Jan Brinkhorst. Hij zei geen woord over andere kleine landen die de euro afwezen, zoals Denemarken en Zwitserland, die evenwel nergens last van hadden en hebben.

Euro of oorlog

Kohl kreeg in februari 1996 voor zijn EU-propaganda een eredoctoraat van de Katholieke Universiteit te Leuven. In zijn dankrede zei hij: „ Entweder der Euro, oder Krieg ”: dus we konden kiezen tussen de euro of weer een oorlog. Het was een schaamteloze vorm van demagogie en chantage. In ons land waren de meest fanatieke eurodrammers: Wim Kok (PvdA), destijds premier, (wijlen) Wim Duisenberg, destijds president van De Nederlandsche Bank, en Gerrit Zalm (destijds VVD-minister van Financiën), die ons bijna dagelijks via de televisie de euro opdrongen. Dat deden ze zelfs schaamteloos via kinderprogramma’s.

In ons parlement werd over zoiets extreem belangrijks als het overgaan op een geheel ander monetair systeem, slechts twintig minuten gepraat. Alsof het ging om iets onbenulligs. Zo gehersenspoeld waren onze volksvertegenwoordigers. Ze realiseerden zich kennelijk niet dat afschaffing van de nationale munteenheid (dus de gulden) een aanpassing van onze grondwet vereiste. Daarvoor waren dan nieuwe verkiezingen noodzakelijk geworden. Maar daar werd met geen woord over gerept. De euro was heilig verklaard.

Op 1 januari 2002 werd de gulden door de euro vervangen. De overheid maakte er een soort volksfeest van, hoewel 70 procent van de Nederlanders die euro helemaal niet zag zitten. De onkosten van de gigantische geldomwisseling bleken voor ons land alleen al 10 miljard euro te bedragen. Dat bedrag moest vrijwel geheel door onze middenstand worden opgebracht. Maar ons nationale lachebekje, Gerrit Zalm, verklaarde toen dat de onkosten binnen één jaar zouden zijn terugverdiend door de grote economische voordelen van de euro. Dat was pure luchtfietserij. De geldwisseling leverde de gemiddelde Nederlander ongeveer 33.000 euro verlies aan koopkracht op. Sindsdien zijn de prijzen van ons levensonderhoud continu gestegen.

Superstaat

Inmiddels ontwikkelde de EU zich tot een soort superstaat die alle Europese landen zijn wil oplegde. De meeste van onze wetten komen thans uit Brussel en niet meer uit Den Haag. De zogenaamde euro-elite, bestaande uit toppolitici en hoge ambtenaren, stuurt aan op de vorming van een superstaat met een eigen president, een eigen regering, een volkslied, een EU-vlag, een eigen krijgsmacht, een grondwet en verder alles wat een normaal land een eigen identiteit verschaft.

Het basale probleem is echter dat Europa helemáál geen land is. Het is een lappendeken van tientallen nationaliteiten en bevolkingsgroepen die ieder hun eigen taal, tradities, mentaliteit, levensstijl en geschiedenis hebben. De in dit verband door verblinde eurofielen vaak gebruikte vergelijking met de Verenigde Staten van Amerika gaat dan ook beslist niet op.

Akelig

Hoe dit alles akelig begint te lijken op het ideaal van wijlen Adolf Hitler, die de gehate leuze had van ’Ein Volk, ein Reich, ein Führer’ (Eén volk, één rijk en één grote leider), is het onderwerp voor volgende week.

Een week geleden eindigde mijn column over de EU en de euro met de opmerking dat het hele EU-gebeuren hoe langer hoe meer begint te lijken op de politieke idealen van wijlen Adolf Hitler. Ook hij streefde ernaar om van de etnische, geografische en taalkundige lappendeken van Europa, één groot rijk te smeden waarin alle positieve eigenschappen van de diverse Europese bevolkingsgroepen, tot één machtige natie zouden worden samengesmeed. Dit alles natuurlijk onder leiding van het meest superieure volk namelijk de edel-Germaanse Duitsers met als opperbaas uiteraard Adolf Hitler zelf.

We weten allemaal tot wat voor drama dit geleid heeft. Een Tweede Wereldoorlog met miljoenen doden en de vernietiging van steden, culturen en kunstschatten. In feite is die EU het directe gevolg hiervan geweest want het hoofddoel van de Europese eenwording en de introductie van de euro als eenheidsmunt, had de nobele wens „Dat nooit meer” , als grondgedachte. Het oorlogstrauma werkt nog steeds door. Al is die oorlog nu al meer dan 67 jaar geleden beëindigd. De discussies over de EU en de euro lijken thans uitsluitend gebaseerd te zijn op economische overwegingen die ons nu al jarenlang onophoudelijk in de oren worden getoeterd.

Hersenspoeling

Zo wordt gehoopt dat wij dermate gehersenspoeld worden dat we tenslotte met alles akkoord gaan wat de Brusselse bobo’s ons opdringen. Het belangrijkste argument is dat kleine landen in de snelgroeiende wereld van commerciële grootmachten zoals China, India, Brazilië en de VS zich niet meer zelfstandig kunnen handhaven. Dat nu is een pertinente onwaarheid hetgeen bewezen wordt door onder meer Denemarken en Zwitserland.

Daarbij is het opvallend dat er steeds meer economische zwaargewichten aan het woord komen die het volslagen oneens zijn met elkaar. Zo is er bijvoorbeeld enerzijds de Fransman Jean-Claude Trichet, de econoom die tot vorig jaar president van de Europese Centrale Bank was. Hij werd in 1992 één van de architecten van het Verdrag van Maastricht, waarbij de EU tot stand kwam. Hij streefde ernaar meer macht vanuit de deelnemende landen naar de EU over te hevelen. Maar anderszijds is er de Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnaar Paul Krugman die thans een lezingentournee door Europa maakt. Hij zei kortgeleden dat „de euro een vergissing was geweest. Men had er nooit aan moeten beginnen.”

Die tegengestelde meningen van allerlei economisch-financiële topfiguren wekken bepaald geen vertrouwen. Gesteld dat in de geneeskunde de topexperts elkaar op deze wijze zouden tegenspreken, dan zou het vertrouwen van de patiënten in de artsen snel verdwijnen. En net als vroeger, toen de geneeskunde nog simpel was, vluchtten de experts in zogenaamde oneliners, korte en krachtige uitspraken die veel verstand en kennis van zaken suggereren, maar die op de keper beschouwd, niet veel voorstellen. Zoals Helmut Kohl deed in 1996 toen hij riep: ’Entweder der Euro oder Krieg’(dus kiezen tussen de euro of weer een oorlog). En kortgeleden nog zijn opvolgster Angela Merkel, die in dezelfde stijl uitriep: ’Scheitert der Euro, dann scheitert Europa’ (als het misgaat met de euro, dan mislukt Europa).

In 2010 kwam de Duitse politicus, financieel expert en econoom, Thilo Sarrazin, zowel nationaal als internationaal in de belangstelling te staan door het publiceren van het boek ’Deutschland schafft sich ab’ (Duitsland heft zichzelf op). Het ging over de bestrijding van de armoede en over de uit de hand gelopen immigratiepolitiek in Duitsland. In zeer korte tijd bereikte het boek een oplage van 1,2 miljoen stuks. Ook zijn tweede boek: ’Europa braucht den Euro nicht’ (Europa heeft de euro niet nodig) is thans een absolute bestseller.

Sarrazin stelt dat de hele EU een verkeerd uitgepakt avontuur is, veroorzaakt door een nog steeds aanwezig schuldgevoel over de kwade rol van Duitsland in de Tweede Wereldoorlog. Letterlijk schrijft Sarrazin: „ Op de Duitse bevolking wordt door Europolitici continu ingepraat dat de Duitsers boetvaardig op de weg naar een verenigd Europa moeten blijven teneinde hun eigen nationaliteit en identiteit in een Europese eenheid te verzuipen”. Een soort ’weg met ons’-politiek, die in Nederland jarenlang gepredikt is door links denkende politici. Maar reeds in 1997 was prof. dr. Pim Fortuyn tot dezelfde conclusie gekomen in zijn boek ’Zielloos Europa’ , met de ondertitel: ’Tegen een Europa van technocraten, bureaucratie, subsidies en onvermijdelijke fraude’.

Grondwet

Hoe ondemocratisch belangrijke beslissingen over de EU worden genomen, bleek in 2005 toen wij voor het eerst onze mening mochten zeggen over de zogenaamde EU-grondwet, die niemand ter inzage had gekregen. Na Frankrijk zei ook Nederland op krachtige wijze NEE. Het resultaat was dat die kreupele grondwet onder een andere naam (het ’Verdrag van Lissabon) tóch heimelijk werd ingevoerd en dat onze regering besloot nooit meer een referendum uit te schrijven. Daar was het Nederlandse klootjesvolk kennelijk te dom voor.

Kortom: sinds de tijden van Julius Caesar, Karel de Grote, Karel de Vijfde, Napoleon en Hitler zijn er altijd weer machtsbeluste politici geweest die trachtten heel Europa onder één bestuur te brengen. Het mislukte allemaal omdat er geen draagvlak voor was. De EU is thans een godsdienst geworden en ieder die daar niet in gelooft wordt als een ketter beschouwd, die eigenlijk de dood verdient. Het is niet eens zó ondenkbaar dat de toenmalige aanstormende politicus Pim Fortuyn, alleen al voor zijn keiharde afwijzing van de EU, thans precies tien jaar geleden is neergeschoten op een parkeerplaats bij een Hilversumse radiostudio.



Met dank aan Prof. Dr. B.  Smalhout

Bovenstaande columns zijn verschenen op 16 en 23 juni 2012 verschenen in De Telegraaf