Risico en het ESM

 

Het ESM lijkt in veel opzichten op een besloten vennootschap (BV). Er is evenals dat bij een besloten vennootschap het geval is, sprake van een aandelenkapitaal. Dit aandelenkapitaal is in handen van de zeventien eurolanden. Niet alle eurolanden hebben evenveel kapitaal. Nederland neemt een aandeel van 40 miljard euro van de totaal 700 miljard euro, of 5,7%. Duitsland 189 miljard euro, of 27,1%. Spanje 83 miljard (waar halen ze het vandaan?) of 11,9%, Oostenrijk 20 miljard of 2,8% enz. Het is duidelijk dat er eurolanden zijn, die op grond van hun aandeel meer stemmen hebben dan andere landen met een klein aandeel en daardoor ook een groter gewicht hebben in de besluitvorming van het ESM. Het geld dat door de landen wordt gestort, heet risicodragend kapitaal. Dit betekent, dat de zeventien eurolanden, als het op terugbetalen aankomt, als laatste aan de beurt zijn. En dat verliezen, die door het ESM worden geleden, van het kapitaal worden afgetrokken.

Naast het risicodragend kapitaal is er straks in het ESM ook niet-risicodragend kapitaal . Dat is het geld dat het ESM gaat lenen van de Europese Centrale Bank, van commerciële banken en beleggers. Het ESM mag 5,7 keer zo veel lenen als het aan aandelenkapitaal beschikbaar heeft. Als er dus 700 miljard euro aandelenkapitaal beschikbaar is, dan kan het ESM 4.000 miljard lenen. Het door het ESM geleende geld is niet-risicodragend. Het moet worden terugbetaald wanneer de lening periode voorbij is aan de eigenaar. Het ESM gaat het geleende geld weer uitlenen, aan eurolanden die in de problemen zitten en aan Europese banken die geld nodig hebben en dat niet op een andere manier kunnen lenen, omdat ze er financieel te slecht voorstaan. En dat laatste is bij veel Europese banken het geval. Het water staat ze bij wijze van spreken aan de lippen. In het ESM verdrag staat in artikel 15, dat dit instituut banken helpt, als deze hulp noodzakelijk is voor de stabiliteit van de eurozone. Hierbij wordt ervan uitgegaan, dat als het slecht gaat met de Europese banken, het ook slecht gaat met de zeventien eurolanden.

Als er leningen, die aan de Europese banken zijn verstrekt, niet worden terugbetaald aan het ESM, dan lijdt dit instituut verlies. Deze verliezen kunnen enorm oplopen vanwege de slechte toestand van de Europese banken. Omdat de beleggers en banken die geld hebben geleend aan het ESM niet-risicodragend kapitaal hebben verstrekt, moeten zij hun geld terugbetaald krijgen. Door wie? Door de aandeelhouders, de eurolanden. Als het ESM de complete 4.000 miljard euro heeft uitgeleend en daarop bijvoorbeeld een verlies maakt van 500 miljard euro, dan moeten de eurolanden ervoor zorgen dat het verloren gegane kapitaal wordt aangevuld tot weer 700 miljard. Nederland zou in het geval van 500 miljard euro verlies opnieuw 28,5 miljard euro moeten bijdragen om het aandelenkapitaal weer op de oorspronkelijke sterkte te brengen. De bijdrage van Nederland aan het ESM is dan daarmee opgelopen tot 68,5 miljard euro. En de grens van hoever dit kan gaan is niet in zicht.


Het gebakkelei over het maatschappelijk kapitaal, of dat nu wel of niet verhoogd kan worden, is dus niet zo belangrijk als men het doet voorkomen. Het maatschappelijk kapitaal kan gewoon worden aangevuld als er verliezen worden geleden. En dit kan worden gedaan door een instituut waarvan de medewerkers juridisch immuun zijn. Dus, zoals een van de ondertekenaars van de petitie tegen ratificering van het ESM verdrag, een bouwkundig constructeur, opmerkte bij zijn ondertekening ‘Dus als ik een constructiefout maak en het gebouw stort in, dan ben ik niet juridisch aansprakelijk omdat ik immuniteit geniet?’ Ja, zo zit het. De raad van gouverneurs (samengesteld uit de zeventien ministers van financiën van de eurolanden), de raad van bewind (samengesteld uit ambtenaren), de directeur en de medewerkers van het ESM zijn dus niet juridisch aansprakelijk voor hun activiteiten binnen het kader van dit instituut. Zij kunnen dus foute beslissingen nemen, die leiden tot verliezen en vervolgens aanzuivering van het verloren gegane kapitaal opeisen bij de eurolanden. Als de parlementen van de eurolanden het ESM verdrag ratificeren en dit schip of beter fonds van bijleggen zijn gang laten gaan, dan werken zij mee aan de verarming van de burgers van hun land, om de ‘heilige’ financiële markten (banken en beleggers) te dienen. Nee, een ander verdrag, zoals Arie Slob voorstelt tussen zeventien soevereine landen, die met elkaar afspreken elkaar te steunen waar nodig en waar mogelijk, met inachtneming van de grote verschillen tussen de zeventien eurolanden in cultuur, economische ontwikkeling en infrastructurele mogelijkheden, dat is een beter uitgangspunt. Dames en heren parlementariërs, luister naar broeder Slob.


© Ad Broere
www.adbroere.nl