Het Federal Reserve kartel, de parasieten  

 

Kolonel Ely Garrison, vriend van president Teddy Roosevelt en president Woodrow Wilson, schreef in zijn boek Roosevelt, Wilson and the Federal Reserve, “Paul Warburg was de man die de Federal Reserve kon opzetten, nadat het Aldrich Plan werd afgewezen. Maar wie was de bedenker van zowel het ‘Aldrich Plan’ als de ‘Federal Reserve’?  
Alfred Rothschild uit Londen.

In 1907 moest een commissie de oorzaken zien te achterhalen van de paniek op de beurs en gaan onderzoeken hoe soortgelijke crises in de toekomst zouden kunnen worden voorkomen. 

Voorzitter van deze commissie was Nelson Aldrich, senator uit Rhode Island en schoonvader van de zoon van John D. Rockefeller. Aldrich was ‘de Wall Street senator’, een woordvoerder van de zakenwereld en bankiers. Aldrich nodigde in 1910 een aantal mensen uit voor een geheime bijeenkomst op Jekyll Island, gelegen voor de kust van de staat Georgia. 

Het landgoed was van J.P. Morgan en ‘op bezoek’ kwamen, naast senator Nelson Aldrich: Abraham Piatt Andrew (staatssecretaris van Financiën); Paul Moritz Warburg (grootaandeelhouder van M.M. Warburg & Co. en vertegenwoordiger van Kuhn, Loeb & Co.); Charles D. Norton (president van de First National Bank of New York); Benjamin Strong (president van de Bankers Trust Company); Frank A. Vanderlip (president van de National City Bank of New York, later omgedoopt in Citibank); Henry P. Davison (vertegenwoordiger van JP Morgan Company).

Het geheime karakter van de bijeenkomst op het private eiland van JP Morgan werd door Bertie Forbes, oprichter van Forbes Magazine, als volgt beschreven: “Stelt u zich de bekendste bankiers van Amerika voor, die in de kleine uurtjes van de nacht stiekem honderden kilometers zuidwaarts reizen, in een boot stappen om naar een privé eiland te varen, dat op een paar bedienden na is leeg is, om vervolgens onder strenge geheimhouding, zonder elkaars naam eenmaal te benoemen, zodat de personeelsleden daarover later niet uit de school kunnen klappen, een week lang heimelijk te vergaderen. Ik verzin dit niet. Ik ben de eerste die wereldkundig maakt hoe Aldrich de basis legde voor ons nieuwe financiële stelsel."



Waarom doen deze mannen op Jeckyll Island zo geheimzinnig over hun bijeenkomst?
Bij President Wilson wordt ondertussen druk gelobbyd over de noodzaak van de oprichting van een centrale “nationale” bank in Amerika. Wilson heeft niet veel woorden nodig, zijn politieke carrière is gesponsord door kopermagnaat Cleveland Dodge. Wilson schrijft zelfs zijn maiden speech, zijn eerste toespraak, op het jacht van Dodge.

Wilson, Dodge en Cyrus McCormick hadden samen op Princeton universiteit gezeten. Dodge en McCormick werden beiden directeur van Rockefeller’s National City Bank (nu Citigroup). Wilsons grootste klus was het wantrouwen van de burgers tegenover bankiers weg te nemen. 

Burgemeester van New York John Hylan gebruikte later de volgende woorden, Onze republiek wordt bedreigd door een onzichtbare regering die, als een reusachtige octopus zijn slijmerige lichaam uitspreidt over onze stad, onze staat en onze natie. Aan het hoofd hiervan staat een kleine groep internationale bankiers".

De acht families krijgen hun zin. In 1913 gaat de Federal Reserve Bank van start, met Paul Warburg als eerste directeur. 

President Wilson ziet pas later zijn vergissing in, I am a most unhappy man. I have unwittingly ruined my country. A great industrial nation is controlled by its system of credit. Our system of credit is concentrated. The growth of the nation, therefore, and all our activities are in the hands of a few men. We have come to be one of the worst ruled, one of the most completely controlled and dominated Governments in the civilized world no longer a Government by free opinion, no longer a Government by conviction and the vote of the majority, but a Government by the opinion and duress of a small group of dominant men.

President Wilson voelt zich dus ongelukkig als hij zich realiseert dat hij zijn vrije en democratische land naar de filistijnen heeft geholpen. Amerika wordt voortaan beheerst door krediet en is in de handen gekomen van een kleine groep dominante mannen.  

Vier jaar later gaat de VS de eerste Wereldoorlog in, nadat een geheim genootschap (‘The Black Hand’)  Aartshertog Ferdinand en zijn Hapsburge echtgenote had vermoord. Graaf Czerin, een vriend van de Aartshertog, zou later getuigen, dat Ferdinand een jaar eerder had verteld dat de Vrijmetselaars hadden besloten dat hij dood moest.  

Ook in 1913 zorgen de Bolsjewieken (met behulp van Max Warburg en Jacob Schiff)  in Rusland ervoor dat de monarchen uit het Duitse vorstengeslacht Hohehzollern worden afgezet.  

De Balfour-verklaring betrof een brief geschreven in november1917 door de Britse minister van Buitenlandse Zaken Arthur James Balfour aan Lord Rothschild, een leider van de Joodse gemeenschap in Groot-Brittannië. De brief drong aan op de creatie van Israel. Groot-Brittannië zou de zionistische plannen voor een Joods nationaal tehuis in Palestina steunen, alhoewel niets mocht worden gedaan om aan de rechten van de bewoners afbreuk te doen. 



In 1920 zet Baron Edmund de Rothschild de Palestijnse Economische Commissie op, terwijl kantoren van Kuhn Loeb in Manhattan de Rothschilds helpen wapens te verspreiden onder het zionistennetwerk in Palestina. Generaal Julius Klein staat aan het hoofd van de operatie, hij leidt de geheime dienst van het Amerikaanse leger, waaruit later Henry Kissinger zal voortkomen. Geld van het Marshall Plan wordt doorgesluisd naar zionistische terreurcellen van de Haganah, via het Sonneborn Instituut. Dit instituut wordt geleid door magnaat Rudolph Sonneborn, oud-secretaris van de Zionistische Commissie. 

Haganah (Hebreeuws:'Defensie') was een zionistisch-joodse paramilitaire organisatie gedurende het Britse mandaat over Palestina met als doel het gewapenderhand verdedigen van de Joodse belangen in Palestina. De organisatie schroomt niet om tegenstanders uit de weg te ruimen. Haganah is bekend als het fundament van het hedendaagse Israëlische defensieleger. 

Sonneborn was de vierde echtgenoot van eigenaar van de New York Post, Dorothy Schiff. Dorothy was de kleindochter van financier Jacob Schiff en familie van de Warburg clan. 

De Kuhn Loebs kwamen tegelijkertijd aan in New York als de Warburgs. De Bronfmans gingen naar Canada, als onderdeel van de Moses Montefiore Joodse Kolonisatie Commissie. 

De Montefiore clan heeft sinds de dertiende eeuw het vuile werk opgeknapt voor de ‘Zwarte Aristocratie’, die hun thuishaven hebben in Genua en Venetië. ‘Aristocrazìa’ of ‘Nobiltà Nera’ is de aanduiding voor Italiaanse adellijke families die historische banden hebben met het Vaticaan. Ze zijn onder meer financier van de Katholieke Kerk en kruistochten (zie John Coleman  “Black Nobility Unmasked Worldwide” uit 1985, en boek The Conspirators Hierarchy).

De di Spadaforas spelen eenzelfde rol voor het Huis van Savoye in Italië. Het Huis Savoye is een adellijke dynastie die oorspronkelijk over Savoye regeerde en later koning van Italië werd. De heerschappij van de Savoyes eindigde na 999 jaar met een referendum waarin het Italiaanse volk als staatsvorm voor de republiek koos (tot 2002 was het de mannelijke leden van het Huis Savoye verboden Italië te betreden!). De familie Moses Seif steelt het geld van het Huis Savoye. 
 Wapen van het huis Savoye

Lord Harold Sebag Montefiore staat nu aan het hoofd van de Jeruzalem Stichting, de zionistische vleugel van de Knights of Saint Johns Jerusalem. De Bronfmans gaan samenwerken met Arnold Rothstein, een product van het empirium van de Rothschilds, en samen staan ze aan de basis van de georganiseerde misdaad in New York. 

Rothstein (“The Brain”) wordt later opgevolgd door gangsters Lucky Luciano, Meyer Lansky, Robert Vesco, Santos Trafficante. De Bronfmans trouwden met de Rothschilds, de Loebs en de Lamberts. 

In het jaar 1917 wordt het zestiende amendement toegevoegd aan de grondwet van de VS. Daarmee wordt belasting heffen op inkomen een feit. Het amendement wordt in aanvang door slechts twee van de 36 staten gevolgd. De Amerikaanse belastingdienst heet de IRS en is een private corporatie, geregistreerd in Delaware. 

Vier jaar daarvoor is de Rockefeller Foundation opgericht, om de eigen rijkdommen te kunnen beschermen tegen de komende belastingwetten, terwijl de publieke opinie erdoor kan worden gestuurd. Een van de poten van deze stichting is de General Education Board, een commissie die het curriculum op scholen bepaald. 

In hun eerste “Occasional Letter” schrijft de commissie: we verlangen gedweeë mensen die zich als was in onze handen zullen vormen naar onze wensen. Het huidige schoolsysteem zal langzaam maar zeker vervagen. We zullen onze goede wil opleggen aan de nogal simpele mensen, die nog dankbaar zullen zijn ook. We zullen van deze mensen geen filosofen of wetenschappers maken, daarvan hebben we er al genoeg. 

Hoewel de meeste mensen denken dat de Federal Reserve een instituut van de staat is, is het een bank in private handen van acht families. 

President Wilson sprak over een macht, zo georganiseerd, zo kompleet, zo alles doordringend, dat men er beter niet te hard over kan spreken. Charles Lindberg is directer in zijn reactie op “Wilsons Federal Reserve Act”, die slim bekeken de “wet van het volk” wordt genoemd. 

Lindberg spreekt over een gigantisch fonds (thrust) dat werd gecreëerd. Wanneer de president zijn handtekening zou zetten onder deze wet, zou een onzichtbare regering legaal de macht over het geld krijgen. De wet zou voor inflatie zorgen, iedere keer wanneer de thrust daarvoor zou kiezen. Crises zouden kunnen worden gecreëerd wanneer de thrust daarvoor zou kiezen. Een economische depressie zou bewust gemanipuleerd worden. Het hele concept centrale bank werd ontworpen door de groep die juist moest worden gestopt in hun zucht naar macht.   

De werkelijke macht binnen de “Fed” ligt bij de Federal Open Market Committee. Het FOMC stuurt memo’s naar de New York Federal Reserve Bank. De FOMC heeft onder de wet van de VS de opdracht toezicht te houden op de open markt operaties van de VS. Ze nemen de belangrijke beslissingen over de rentestand en de groei van de geldhoeveelheid in de VS.



De wereld van financiën wordt steeds meer ingenomen door computers. Met de introductie van financiële producten als derivaten, opties, puts en calls namen de transacties tussen banken gigantisch toe. De Federal Reserve riep hiervoor in New York in het leven de Clearing Interbank Payment System of CHIPS.   

Toen de Federal Reserve werd gecreëerd hielden de 5 banken uit New York: Citibank, Chase, Chemical Bank, Manufacturers Hanover en Bankers Trust, 43% in handen van de New York Fed. In 1983 was dit 53%. In 2000, hielden de gefuseerde Citigroup, JP Morgan Chase en Deutsche Bank nog grotere delen van de koek in handen. Samen met de Europese delen van de acht families hebben ze een meerderheid van alle aandelen in de top 500 van iedere corporatie in handen. In 1955 waren de vijf banken verantwoordelijk voor 15% van alle handel in aandelen, in 1985 voor 85%.  

Investeringsbanken van de acht families zijn zeer invloedrijk. In 1982 zorgt Reagan dat SEC Rule 415 erdoor wordt geduwd, zodat eigendommen van Goldman Sachs, Merrill Lynch, Morgan Stanley, Salomon Brothers, First Boston en Lehman Brothers kunnen worden veiliggesteld terwijl Groot Brittannië in oorlog is met de Falklands. 

American Express fuseerde met Lehman Brothers en Kuhn Loeb. Moses Seif’s Banca de la Svizzera Italiana kocht aandelen van Lehman Brothers. Salomon Brothers kocht Philbro van de Zuidafrikaanse Oppenheimer familie en daarna Smith Barney. Samen werden ze onderdeel van de Traveler’s Group, met aan het hoofd Sandy Weill van de David-Weill familie. Citibank kocht daarna Travelers Group en noemde zich Citigroup. S.G. Warburg ging in 1984 op in Banque Paribas en werd Merrill Lynch. Union Bank of Switzerland kocht Paine Webber, terwijl Morgan Stanley Dean Witter overnam en Sears Discover creditcard.

Kuhn Loeb fuseerde met Credit Suisse. Merrill Lynch werd de Bank of America in 2008. Swiss Banking Corporation fuseerde met S.G. Warburg en werd SBC Warburg. De Warburgs gingen ook een relatie aan met de Union Bank of Switzerland en creëerden zo het machtige UBS Warburg. Deutsche Bank kocht Banker’s Trust en Alex Brown en werd zo even de rijkste bank ter wereld met $882 miljard aan eigendommen. De grens tussen investeren en commercieel of privaat bankieren was inmiddels helemaal verdwenen.  

Dit handjevol bankiers had een enorm deel van de controle over de economie van de wereld in handen. Ze bemoeiden zich met onderhandelingen over leningen en schulden aan de Derde Wereld. Ze creëerden bedrijven, fuseerden met  of zorgden dat het faillissement werd uitgesproken. Ze vulden gaten in de markt, starten bedrijven die met primaire emissies aandelen te koop aanboden via de effectenbeurs. Bij beursnotering wordt de onderneming prooi voor (vijandige) overnames. 



Het volstaat voor concurrerende bedrijven om aandelen bij de kleine belegger op te kopen om op die manier meerderheidsaandeelhouder te worden. Het emitterende bedrijf staat dan met zijn rug tegen de muur en moet de 'wet van de beurs' maar ondergaan. Dit werkt privatisering en globalisatie in de hand. Top 4 werden Goldman Sachs, Merrill Lynch, Morgan Stanley and CS First Boston. 

James Wolfensohn van Salomon Smith Barney was de president van de Wereldbank van 1995 tot 2005. Merrill Lynch had $435 miljard voordat de hele fusiegekte had toegeslagen. De grootste commerciële bank in die tijd was Citibank ($249 biljard). In 1994 zat Merrill Lynch achter 26,8% van alle bankfusies. Morgan Stanley achter 16,8%, Goldman Sachs 16.3%, Lehman Brothers 16.1% en Credit Suisse First Boston 14%

In de arena van wereldwijde privatisering tussen 1985 en 1995 stond Goldman Sachs aan de top met deals ter waarde van $13.3 miljard. UBS Warburg handelde voor $8.2 miljard, BNP Paribas $6.8 miljard, CS First Boston $4.9 miljard en Paribas eigenaar Merrill Lynch $4.4 miljard.

In 2006 kocht BNP Paribas de befaamde Banca Nacionale de Lavoro. Nu is dit de werelds rijkste bank met een waarde van $3 triljoen.

De dominante spelers in de olie futures in de New York Mercantile Exchange en the London Petroleum Exchange zijn Morgan Stanley Dean Witter, Goldman Sachs (via J. Aron & Company), Citigroup (via Philbro) en de Deutsche Bank (via Banker’s Trust). In 2002 werd Enron Online verkocht voor $0 na faillissement aan UBS Warburg. UBS moest het monopoly na 2 jaar delen met Lehman Brothers. Nu Lehman verdwenen is moet Barclays  een deel krijgen. 

Lehman Brothers was tot aan haar faillissement in september 2008 een grote Amerikaanse financiële dienstverlener, daarna werden ‘de vier ruiters’ alleen maar groter. JP Morgan Chase kon goedkoop Bear Stearns en Washington Mutual overnemen. Bank of America nam Merrill Lynch en Countrywide over. 

Zoals de oud-voorzitter van het House Banking Committee, Wright Patman zei, De Verenigde Staten van Amerika hebben in feite twee regeringen. De ene volgt de grondwet, de andere is onafhankelijk, ongecontroleerd en ongecoördineerd. Het is het Federal Reserve systeem, dat macht heeft over het geld. Macht die alleen het Congres en de constitutie zouden moeten hebben.  

Sinds de creatie van de Federal Reserve, is de nationale schuld (aan de acht families die de centrale banken in handen hebben) omhooggeschoten van  $1 miljard naar $14 triljoen. Deze schuld is groter dan alle leningen van alle Derde Wereld landen opgeteld.  



Zoals senator Barry Goldwater verkondigde, Internationale bankiers verdienen veel geld door steeds meer krediet te verlenen aan regeringen. Hoe groter de schuld van een staat, hoe meer rente moet worden betaald aan de banken. Veel van de nationale banken van Europa zijn eigendom van private partijen. Je kunt de zetten van de Rothschilds en Warburgs van Europa en de JP Morgans, Kuhn Loeb & Co, Schiff, Lehamn en Rockefellers herkennen. Voor de meeste mensen is het een mysterie hoe ze aan deze financiële macht gekomen zijn, maar niet voor mij.

Dean Henderson -19 juni 2011
www.deanhenderson.wordpress.com

Bron http://deanhenderson.wordpress.com/2011/06/19/the-federal-reserve-cartel-part-iv-a-financial-parasite/