De macht van de aarde ligt in handen van hen die olie en water bezitten.


De hebzucht naar olie en water is in volle gang. Door opwarming van de aarde ontstaat er een schaarste aan olie, water en minerale delfstoffen.
Wie krijgt controle over de belangrijkste bronnen? De strijd is al losgebrand en de belangrijkste nieuwe speler in dit spel is China. Water wordt schaars, ook in het Verre Oosten waar de gletsjers van de Himalaya smelten. Tweederde van de Chinese steden kampt nu al met een groot tekort. Bouwland wordt woestijn omdat industrieën water onttrekken aan de bodem. Chinese bedrijven doorkruisen de wereld op zoek naar voorraden.
Ook India zoekt naarstig naar olie en gas in Azië. Beide groeiende machten kijken, samen  met een aantal andere landen, als rivalen naar de onderwater voorraden in de Zuid-Chinese zee.

Het controleren van de olievoorraden van Irak was een van de redenen om Irak binnen te vallen. Het Pentagon zegt dat de olie die iedere soldaat in Irak gebruikt per dag nu al een zestienvoud is van het verbruik per soldaat in WO II.

De behoefte aan energie neemt alleen maar toe en het lijkt erop dat landen meer verdeeld zijn dan ooit. Ze kijken allemaal met hebberige ogen naar wat er is en hoe ze eraan kunnen komen.
Op deze manier lijkt internationale samenwerking steeds verder weg.

Toen de olie nog goedkoop was zijn we allemaal overgegaan op een kenniseconomie maar we zien dat dit een illusie armer is, we hebben de bronnen bitter hard nodig om de economie draaiend te houden.

Door klimaatverandering en opwarming stijgt het zeewater en daardoor is er steeds minder zoet water en voedsel beschikbaar. Hongersnood en schaarste kloppen al aan vele deuren.
Het tekort aan energie lijkt te gaan leiden tot kans op grote conflicten in de wereld en als hongersnoden toenemen zullen ook grote groepen vluchtelingen over de aarde gaan trekken op zoek naar leefbare plekken.


 

Lees meer: The guardian, John Gray