Liefde is de basis van al wat is


Als de dag verduisterd wordt
door schimmen uit het dodenrijk
als laatste goede engelen vluchten van de aarde
demonen hun scherpe klauwen spreiden
als het zesde zegel verbroken wordt
de zesde schaal geworpen
door engelen des doods
de vier apocalyptische ruiters
naar alle windstreken draven
trompetten van onheil overal klinken
donderslagen door de ruimte golven
de aarde trilt en rilt
het Beest uit de afgrond stijgt
rivieren rood kleuren van bloed
bitterheid en lijden zich nestelen over de aarde
gestreden wordt rondom Eufraat en Tigris
de Grote rivier verdroogt
en de machtigen der aarde zich samentrekken
 voor het armageddon van de wereld…

Als tallozen het respect voor het leven verliezen
grove taal zich voortplant door alle landen
verwarde geesten dwalende zielen misleiden
de wereld gaapt aan de afgrond van het bestaan
de zoektocht naar liefde eindigt
in een martelgang van geweld…

Als de winter tot zomer is geworden
de vier seizoenen verscheurd zijn
door branden der begeerten
de aarde rilt van koorts
de zeeën overlopen van verdriet
knoppen van bloemen ontluiken in de winter
sneeuw de zomer uitwist in een ijzig spoor
orkanen rond razen
zwangere schoten van vulkanen openbarsten
lava van lang lijden over de wereld stroomt,
het zevende zegel wacht op de engel des doods…

Als de leugen bijna overal regeert
religies opstaan tegen elkaar
en als wild geworden beesten brullen
als heilige oorlogen worden uitgeroepen
en het leven ontheiligd wordt
velen vluchten in de dood
planten en dieren zich terugtrekken
ijsbergen smelten van smart
hitte van begeerten broeit in stervende dampkring
die als een deken des doods
 onze ademhaling smoort…

Als de grote kus van sterven zich neigt
naar dorstige en gebarsten lippen
angst zetelt in bijna ieder huis
laatste wouden sterven
aarde verdroogt en verdrinkt
alle elementen zijn verziekt
en aan het kruishout van verdwazing
 iemand luid roept dat
het nog lang niet is volbracht,
wat doen we dan als we nog weten van het licht,
niet geknakt zijn door last van duistere tijd?

Dan ontsteken wij miljoenen fakkels zonlicht
dan ontmaskeren we het gelaat der leugen
tonen de glimlach van waarheid
trotseren de schimmen uit de onderwereld
die zich losmaken uit de rivier des doods
smeden we banden van hart tot hart
slaan we handen ineen
staan we schouder aan schouder naast elkaar
breekbaar en toch onverbrekelijk.

Dan ontsteken we miljoenen vuren van hoop
in harten van mensen
strooien we overal liefdesbloemen
planten we nieuwe wouden
zuiveren we rivieren, meren en zeeën
spreken we over betere tijden
roepen de herinnering op
aan het eerste stromen van kristalhelder water,
het ware paradijs van onze geest
de schitterende dagen van het eerste licht
de kracht van onbezoedeld leven
de liefde voor de waarheid
en de eerbied voor alle leven.

Dan onthullen we de krachten die ons misleiden,
wetende dat hún dagen zijn geteld.
Alleen zo en niet anders
kunnen we de naderende vloed weerstaan
het stijgende water toespreken vanuit liefde
een strand van verwachting ontrollen
voor vermoeide en dorstige zielen.

Alleen zo en niet anders
kunnen we het tij nog keren,
als we snel wakker worden uit de diepe slaap
van niet willen zien, van angst en inertie,
van moeheid en moedeloosheid.

Als slangen van verraad onder stenen wegkruipen
en hun gif spuiten in monden vol leugen,
als koningen boeven zijn geworden
en boeven koningen in verduisterde koninkrijken
als stof van geëxplodeerde torens van waan optrekt
het gordijn van onwaarachtigheid
stil over de wereld wordt geschoven
als de zon zijn hete uitbarstingen
naar de smachtende aarde zendt
een alles verbrekend lichtveld neerdaalt
de hartslag van de aarde klimt
sluisdeuren van de hemel opengaan
en vloeden de lijdende aarde overstromen…

Als geld overal zijn stank verspreidt
omdat het zijn zegening verloor
als de kracht van het Beest
zich samenbalt in miljoenen beeldschermen
en pseudo-alomtegenwoordigheid
verdoofde hersenen van verdoolde mensen verbindt
als het Beest overal aanbeden wordt
en zij die weigeren te knielen voor het elektronisch altaar
uit het wereldwijde web worden geëxcommuniceerd…

Als geperverteerde leiders de mensen controleren
door ontelbare spiedende ogen
op aarde en in de lucht,
chips implanteren onder hun huid,
hun gevoelens willen bepalen
er geen plaats meer is om je te verbergen
omdat het alziend oog der leugen overal aanwezig is
en het goddelijk oog van liefde niet meer wordt gezien,
als alles van ons geweten wordt
en dictatuur zich ongemerkt sluipend verbreidt,
wat doen we dan als we nog weten van het licht,
niet geknakt zijn door last van duistere tijd?

Dan gaan we handelen vanuit het licht
laten het overal stralen in deze duistere tijd
roepen iedereen op het goddelijk te herontdekken
in de tempel van het eigen hart
de schaduw van leugens af te werpen
de boom van vreugde te planten
in de eeuwige bron van het zijn.
Dan schrijven wij gedichten over liefde
dan zingen wij over licht en vrede
dan dansen wij het uit
dan spreken wij over moed en trouw
over doorzettingsvermogen en oprechtheid
over integriteit en waarachtigheid
over geduld en mededogen.

Dan klagen we de leugen aan en spreken waarheid
dan gaan we schouder aan schouder staan
werpen de kolossale piramide van leugens omver
nemen de valse hoeksteen eruit weg
plaatsen de topsteen van licht
op de lang gebouwde tempel van vrede
sluiten de rijen om duisternis uit te bannen
spreken over werkzaamheid van licht en liefde
en fluisteren steeds weer opnieuw
het kostbaarste woord in ieders oor
zodat het strak overal op de vernieuwde aarde klinkt:
liefde, liefde, liefde,
is de basis van al wat is.




© Marcel Messing

(Deze tekst is uitgesproken t.g.v. het symposium op 21 oktober 2006,
waarbij Ervin Laszlo en Marcel Messing een lezing hielden
  n.a.v. de boekpresentatie van respectievelijk Het chaospunt en Worden Wij Wakker?)

Tekening: © Marianne van den Dungen





 

Moeder aarde schreit

Bergen brokkelen af
meren en rivieren drogen uit
vuur verslindt bossen en wouden
stormen razen over landen
droogte en hitte alom.
Moeder Aarde schreit.

En de mensen?
Zij springen en zingen
trouwen en rouwen
klinken en drinken
spelen en strelen.
Moeder Aarde krimpt van pijn.

Straks zullen vloeden
de droge aarde wassen
valleien tot meren worden
dijken overal breken.
Moeder Aarde schreeuwt.

En de mensen?
Zij fuiven en feesten
dansen en verkwanselen
werken en gaan ter kerke
geloven en beloven.
Moeder Aarde trilt.

De eerste scheppingsdag
vergaat tot laatste nacht
het zevende zegel verbroken
de zevende trompet weerklinkt
de zevende schaal op aarde geworpen
galop van zwarte ruiters sterft in verte weg.

En de mensen?
Zij houden nog steeds hun wensen
spelen hun kleine mensenspel
maken van de aarde een hel
spelen met geld en goed
zien niet de naderende grote vloed.

Als de grote duisternacht gaat komen
een einde maakt aan alle werelddromen
zullen we in het licht dan staan,
het licht dat nimmer kan vergaan?
Zal de mantel van licht geweven zijn
of blijft het werelds streven vol van pijn?
Zal onze innerlijke zon stralen
of zullen we lange tijd weer verder dwalen?

 

© Marcel Messing





In valleien van verwachting


In valleien van verwachting
dwaal ik rond
tussen het lover
van laatste seizoenen,
langs beken van
nog nooit beklommen bergen,
door wouden
zwanger van geheimen.

Bij iedere stap
voel ik de oude aarde sterven
aan grijs verleden
dat nimmer tot vervulling kwam,
aan duizenden liefdeswensen
die stierven in tranen van pijn,
aan oude dromen
die als gerafelde wolkenkleren
doelloos drijven
door een melkzee van gesponnen lucht.

Bij iedere stap
voel ik de ziel van al wat leeft
zich langzaam terugtrekken,
klaar voor een nieuwe aarde
die in baarmoeder van sterven
zich al gevormd heeft,
verlangend naar nog onbezoedeld licht,
uitziende naar een nieuwe dageraad
waarin sporen van verleden
voorgoed zijn uitgewist
door wijsvingers van tikkende tijd
die in geen klokuur passen
maar gestreng
het ritme volgen
van een grotere orde.

Terwijl ik in de verte tuur
en voor mijn ogen
het gordijn van vertroebeling
met het koord der eeuwigheid
 wordt opengeschoven
schouw ik in het hart van de schepping
een hemels visioen
geschreven in letters van licht
zich openvouwend als een kosmisch gedicht:
een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.




© Marcel Messing
(voorjaar 2006)





Kom Mensenkind…


Kom mensenkind
geef me je hand
ik wandel met je mee
naar de warme liefdeszee
naar een ander land
waar je werkelijk wordt bemind.

Kom mensenkind
geef me je hand
ik breng je naar de overkant
van alle lijden aan dit bestaan
voorbij zelfzucht en alle waan
waar jij het volle leven vindt.

Onsterfelijke kusten zal ik je tonen
waar de kinderen van liefde wonen.
Niet lang zal je tocht meer duren
nog enkele jaren en wat uren
dan zal de aarde helen
geluk je zielensnaren strelen.

Straks zal de zoete lente komen
je verlossen van alle boze dromen
straks als bloemen van licht bloeien
lentewinden met elkander stoeien
bronwater sprankelt van licht
herkrijgt alles zijn oorspronkelijk gezicht.

En jij mijn mensenkind
door god-de-goden zo bemind
straks zal ik je ogen mogen open kussen
om alle angst voorgoed te blussen
straks zal ik je wiegen in mijn armen
je met pure liefde weer verwarmen.

Straks zal alles anders zijn
voorbij smart, voorbij pijn.
Werkelijk, een nieuwe aarde wordt geboren
in een eerste ochtendgloren.
Een ontijdelijke scheppingsdag zal oprijzen
uit oerwateren die de hemelen prijzen.

Geen nacht zal ooit het licht verdringen
paradijsvogels zullen eeuwig zingen
in je hemelse hart
verlost van alle smart.
En alle sterren zullen stralen
over louter liefde jou verhalen.
En mochten ze je niet geloven,
duizend zonnen licht zullen het Ene loven
klaroenen zullen door de ruimte klinken
nooit zal de aarde meer in duisternis verzinken.

Kom mensenkind
door god-de-goden zo bemind
word voorgoed herboren
in het frisse zonnegloren
van de nieuwe scheppingsdag
waarin de vreugde leven mag.

Kom mensenkind
geef me je hand
ik wandel met je mee
naar de warme liefdeszee
naar een ander land
waar je werkelijk wordt bemind.




© Marcel Messing







 

Op het schaakbord van zwart-wit


 

 
Op het schaakbord van zwart-wit 
verloren twee torens reeds hun macht
in grote duisternacht,
van verdwenen aards bezit. 

  
Zwart-wit pionnen
 werden tot grijze spionnen. 
Paarden van ongetemde geest
werden tot apocalyptisch beest. 

  
Lopers van verleden
rolden verwachtingsvolle toekomst op,
zetten alles op zijn kop, 
kruik van lijden barstte in het heden. 

 
Alleen op het lichtend veld van dharma,
bepaald door energie van karma, 
koning en koningin tezamen,
 vanaf vroegste begin. 

 
Niet meer bereid tot oude strijd,
tot voeding van haat en nijd,
de hand die bespeelt onthand,
terug naar oorspronkelijke Vaderland. 


Zonen en dochters van het duister,
ik hoor hun luid gebral, hun donker gefluister.
Zonen en dochters van het licht
ik zie hun oorspronkelijk gezicht. 


Precies in het midden van het veld
breng ik koning en koningin bijeen,
daar waar geen tegenstelling meer telt,
daar waar twee wordt tot één. 

 
 
Hier bestaat geen schaakmat
hier is het einde van het pad, 
het einde van alle tijd,
waarin alles tot eeuwigheid verglijdt. 

 
 
De schaker van het grote spel
is voorgoed nu uitgespeeld.
De zelfgeschapen wereldhel
 wordt tot lichtend rijk geheeld. 

 
 
Een laatste bazuin weerklinkt
en eenieder die uit de beker drinkt
van liefde en licht
hervindt zijn oorspronkelijk gezicht. 

 
 
Gekleed in lichtend luister
voorbij alle duister 
schrijden lichtwezens voort,
verzinken in het eeuwig Woord. 


In duisternis trad opnieuw het Woord, 
en duisternis nam het dit keer aan,
heeft het eeuwig Woord verstaan,
heeft de liefde ervan voorgoed gehoord. 
  


 
© Marcel Messing 




 


Projectie


Als alle schuilhoeken
van het bewustzijn zijn verkend
alle vluchtwegen zijn doorlopen
alle wijsheidsboeken zijn gelezen
geen enkel boek meer bevredigen kan
als alle tempels zijn bezocht
alle riten en ceremonies zijn beleefd,
kan de laatste projectie

God

worden ingetrokken
en het bestaan
in alle naaktheid worden geschouwd
zoals het altijd is geweest.
De doden zullen opstaan in jezelf.
In jezelf zullen alle heilanden vervluchtigen
wordt het einde der tijden voltooid
alle begin weggevaagd
stervend in het eigen einde
en de lange verhalen tussen begin en einde
door traditie en geloof in stand gehouden
zullen verpulveren tot stof. 




© Marcel Messing






De weg naar geluk  


’De weg naar geluk is geen lange weg
geen weg die ergens begint of eindigt
geen afstand die belopen wordt
geen pad dat wordt gegaan
geen tocht naar vreemde landen
geen reis naar verre levensstranden.

 

*


De weg naar geluk
gaat direct naar binnen
overbrugt iedere afstand
brengt de horizon
vlak voor je ogen
is dichterbij dan handen en voeten
dichterbij dan je adem
dichterbij dan je hartslag
dichterbij dan het licht in je ogen
dichterbij dan al je gedachten.




*



Neem op deze weg
 de wandelstok van gelijkmoedigheid mee
een rugzak vol tevredenheid
 wandelschoenen vol rust
een drinkbeker vol stilte.
Adem onder het lopen
bij iedere stap
licht en liefde
in en uit.



*



De weg naar geluk
is de kortste weg tot het zelf,
kent geen omwegen,
geen tijd, geen seizoen,
geen voetafdruk, geen landkaart,
geen reisbiljet, geen vervoermiddel,
geen snelheid,
 geen komen of gaan’.

 


Zo beginnen de eerste bladzijden het nieuwe boekje van antropoloog-filosoof Marcel Messing, waarin hij op poëtische wijze een korte, directe weg naar geluk beschrijft. Het kan als reisgids dienen voor iedereen die licht zoekt in deze donkere tijden.
 ‘Wie de bekende wegen durft te verlaten,’ zegt Messing, ‘zal merken dat er een weg naar binnen is, voorbij iedere conditionering.’ De weg naar geluk is verwant aan taoïsme, zen en advaita vedanta.

 

Marcel Messing
De weg naar geluk

11,8 x 16,7 cm, 80 blz.
Gebonden
€ 9,90

Illustraties van Marianne van den Dungen
Verschijnt oktober 2007
isbn 978 90 6963 793 8

altamira-becht






 


Kom, kinderen van het licht

***

Kom, kinderen van het licht,
sta op en maak je vrij.
Kom, kinderen van de liefde,
voeg je samen in duizenden rijen van licht
zodat duisternis moet wijken
en je hart weer jubelt
van vreugde over het leven
gegrondvest in de kracht van het Ene
gegrondvest in onvergankelijk licht
en onvergankelijke liefde.

Kom, kinderen van het licht,
ik hoor je voetstappen vol vrede
steeds dichterbij.
In steden en dorpen
in straten en op pleinen
in winkels en fabrieken
op scholen en kantoren
in openbare gebouwen en ziekenhuizen
in legerplaatsen en gevangenissen
in bergen en dalen
in wouden en bossen
op akkers en velden.

Ik hoor je voetstappen van vrede
die overal klinken
die de aarde in vreugde ontvangt
die de hemel met licht begroet
die alle lichtwezens omhelzen.
Jullie mars voor vrede
is niet meer te stoppen
geen agenda die jullie dwingen kan
je vrijheid te verliezen
geen wereldorde die jullie knechten kan
geen kracht der duisternis
die jullie licht kan tegenhouden.

*

Vuurtorens zijn wij allen
vuurtorens van puur licht
bakens van vrede
fakkels van vredesvuur
die overal ontstoken worden.

*

Kom, kinderen van het licht,
laat je lied van vrede overal klinken
laat je stemmen aanzwellen tot een machtig lied
waar de oorlogstrom voor zwijgen moet.
Een lied dat alle oorlogslawaai tot stilte brengt
een lied dat oprijst uit het hart
een lied van liefde
een lied van licht
een lied van leven
een lied van lente,
een lente die spoedig zal ontluiken,
een lied dat vertrapten der aarde opricht
een lied dat gekwetste harten troost
een lied dat heel de aarde hoort
een lied dat reist langs de verste sterren
een lied dat onze broers en zussen
van andere sterrenstelsels liefkoost
een lied dat resoneert over heel de aarde
naar alle plekken vol lijden en smart
een lied dat ijzeren harten van dictators
van machtigen en rijken
tot in het diepst raakt
een lied dat balsem is
voor de open wonden
van Moeder Aarde.

Kom, kinderen van het licht,
wees stil nu
en luister naar de kracht van de stilte,
de kracht van al hetgeen onuitgesproken is
maar al eeuwen leeft in de harten
van alle levende wezens,
een stilte die zich samenbalt tot
een machtig vuur van liefde,
een vuur dat doorbreekt
tot lippen van het lange zwijgen,
een stilte van nog vóór het Woord.

Laat deze stilte alles wegwissen,
pijn, haat, verdriet, onbegrip, onmacht,
in het besef dat niet geweld deze aarde zal regeren
maar vrede,
vrede vanuit het hart.
Niet stalen vuisten en leren laarzen
zullen heersen over deze aarde
maar blote voeten en blote handen
opengevouwen om te schenken en te ontvangen
in staat tot woordloos gebed
vanuit een lichaam vol rust.

*

Hoort gij ze ook,
de kinderen van het licht?
Hoort ook gij hun voetstappen aanzwellen
tot een machtig leger van vredeskinderen
als een kristalheldere beek die verandert
in een machtige rivier
die alles en iedereen
meevoert in golven van waarheid,
verwachting en hoop?

Hoort gij ze ook,
de kinderen van het licht,
uit verre en nabije landen
van verre en nabije planeten?
Hoort ge hun kracht,
voelt ge hun moed?

*

Zij zijn niet te verslaan door het zwaard van de haat
door de knuppel van tweedracht
door knotsen van leugens
die dagelijks inbeuken op de geest
 van Moeder Aarde.
Nee, zij wijken niet voor geweld
voor onwaarachtigheid
voor dictatuur en uitbuiting
voor hen die hen willen knechten
tot slaaf willen maken van een nieuwe wereldorde
geworteld in haat, angst, verdeeldheid en macht.

De kinderen van het licht
zij zijn overal op deze aarde.
Ze zijn wakker geworden
wakker geworden uit de diepe slaap van vergetelheid
uit de slaap van niet meer weten.

Zij zijn niet te laat,
ze zijn nooit te laat.
Alles is in handen van de éne kracht
het éne licht
de éne liefde.

Dwars door de wervelende storm
zullen ze trekken, de kinderen van het licht,
 en wijzen naar een Nieuwe Aarde
naar het stiltepunt in ieders hart.

Geen chip zal hen tegenhouden
geen controle hun geest verlammen
geen dreiging hen uit het veld van vrede halen
geen macht hen knechten
want de kinderen van het licht
zij ademen uit het licht
ze leven uit het licht
ze zijn uit het licht
en hun vredeslegers groeien dagelijks aan
hun bewustzijn ontluikt als bloemenpracht
terwijl de aarde zich opmaakt
voor grootse verandering.

*

Kom, kinderen van het licht,
besef je kracht
besef je wijsheid en je mededogen
je trouw en je moed
je inzet en je doorzettingsvermogen
waar je broers en zussen
vanuit heel het zonnestelsel en daarbuiten op wachten,
die jullie vreugdevol willen begroeten met heel hun hart.

Voorwaarts dan, kinderen van het licht,
Voorwaarts, voorwaarts, voorwaarts.
Het oude tijdperk kraakt reeds onder je voeten
de laatste dans van geweld wordt gedanst
wrakhout van verleden wordt vermorzeld 
aan de kust van wanhoop.

*

Kom, kinderen van het licht,
wanhoop niet
want het licht is met ons.
Laten we hen die ons willen doden
handen van vrede reiken.
Handen die leeg zijn
handen vol liefde,
een nog ongekende kracht,
maar ook handen
die onthullen en waarheid spreken
handen die niet wijken
voor duistere nacht.

Kom, kinderen van het licht,
niet voor slavernij zijn wij bestemd
of voor de dood.
Tot de hoogste vrijheid zijn wij geroepen,
ons kosmisch geboorterecht.
Ketens van lijfeigene, onderdaan of horige
zullen we verbreken door de kracht van het licht.
Geen kracht buiten onszelf zal ons nog beheersen
nu Moeder Aarde zich gereedmaakt
voor haar wedergeboorte,
waarna de zon van liefde altijd schijnen zal.

Kom, kinderen van het licht,
sta op en maak je vrij.
Kom, kinderen van de liefde,
voeg je samen in duizenden rijen van licht
zodat duisternis wijken móet
en onze harten weer zullen jubelen
van vreugde over het leven
gegrondvest in de kracht van het Ene
gegrondvest in onvergankelijk licht
en onvergankelijke liefde.

Vrede, vrede, vrede.
Sjaloom, sjaloom, sjaloom.
Shanti, shanti, shanti.
Salim, salim, salim.
Amen.

*

 

Auteur: © Marcel Messing


Deze poëtische gedachte van hoop ging vooraf aan
M.M’s lezing ‘Little Brother is watching yóu’
tijdens het Frontier-symposium op 10-11-2007
en is op verzoek van velen op deze website geplaatst.