Prostaatkanker... opereren of niet?



Nog niet zo lang geleden lanceerde acteur Samuel L. Jackson, bekend van onder meer Pulp Fiction, de internationale campagne One for the Boys. De campagne moet meer bekendheid geven aan kanker bij mannen en hen stimuleren zich openlijker en minder macho te gedragen over een doktersbezoek als ze verdachte symptomen hebben. De aanzet voor de campagne was dat de sterfte door kanker hoger is bij mannen dan bij vrouwen – waarschijnlijk grotendeels omdat mannen er een hekel aan hebben om naar de dokter te gaan en dat vaak pas doen als het al te laat is. 
En dat is onverstandig. Want de kankersoort die bovenaan de lijst van de nieuwe campagne prijkt, is berucht. Prostaatkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij mannen boven de veertig en treft de klier die vlak onder de blaas ligt en het prostaatvocht produceert, dat deel uitmaakt van het sperma.

Cijfers
In Nederland1 wordt prostaatkanker jaarlijks bij zo’n 11.000 mannen vastgesteld (in Groot-Brittannië bij 40.000 en in de Verenigde Staten bij 230.000 mannen). Ongeveer 70.000 Nederlandse mannen hebben prostaatkanker (tegenover 250.000 Britse en 2,5 miljoen Amerikaanse mannen). Er worden steeds meer agressieve behandelingen gegeven, zoals bestralingen en operaties, maar of die ook een gunstig effect hebben, is nog niet onomstotelijk bewezen.2

Diagnose
Mannen boven de vijftig krijgen vaak verschillende diagnostische onderzoeken aangeboden. Zo zijn er het rectaal toucher, waarbij de arts met een gehandschoende vinger via de endeldarm de prostaat bevoelt, en een bloedtest die de concentratie prostaatspecifiek antigeen (PSA) meet. Verder kan een diagnose worden bevestigd met een echo, CT-scan of MRI-scan. Ten slotte is er nog het biopsieonderzoek, waarbij een stukje prostaatweefsel operatief wordt verwijderd en onderzocht op de aanwezigheid van kankercellen.
Hebt u de diagnose prostaatkanker gekregen? Lees dan, voordat u zich laat opereren, eerst het volgende.

Wat de dokter u vertelt

Uw arts zal u laten kiezen uit de volgende mogelijkheden:

Waakzaam wachten (niets doen, maar wel in de gaten houden) voor mannen met een gelokaliseerde kanker (beperkt tot alleen de prostaatklier zelf).
Radicale prostatectomie (volledige verwijdering van de prostaat).
Transurethrale resectie van de prostaat (TURP). Hierbij wordt een instrument in de penis gebracht, waarmee delen van de prostaatklier worden weggesneden of -gebrand. Dat gebeurt met een zenuwsparende techniek, om erectieproblemen te voorkomen.
Uitwendige bestraling. Hierbij worden de prostaatkankercellen met hoogenergetische röntgenstraling gedood. 
Tijdelijke brachytherapie (inwendige bestraling). Hierbij krijgt de prostaatklier per keer enkele minuten lang een hoge stralingsdosis toegediend, wat de kankercellen vernietigt. 
Permanente brachytherapie (inwendige bestraling). Hierbij worden heel kleine radioactieve ‘zaadjes’ in de prostaat geïmplanteerd. Deze blijven tot een jaar lang straling uitzenden, waardoor de kankercellen worden vernietigd.
Hormoonbehandeling. Hierbij worden stoffen gebruikt die lijken op het GnRH-hormoon (gonadotrophin-releasing hormone), zoals busereline, gosereline en leuproreline, die de aanmaak van androgenen (mannelijke geslachtshormonen) onderdrukken. Ook worden antiandrogenen als cyproteronacetaat en/of flutamide gebruikt.

Wat u ook moet weten

De PSA-bloedtest is onnauwkeurig en geeft in een derde van de gevallen vals-positieve resultaten. De test wordt betrouwbaarder als u in de 48 uur voorafgaand aan de test geen seks hebt. Sinds de invoering in 1987 heeft de PSA-test tot ruim een miljoen onterechte diagnoses geleid.3
Waarschijnlijk gaat u niet dood aan prostaatkanker. Prostaatkanker groeit erg langzaam – de zeldzame, snelgroeiende variant uitgezonderd – en ontwikkelt zich uiteindelijk bij de meeste mannen. Uit sectie van overleden 85-plussers is gebleken dat tot driekwart van de mannen prostaatkanker heeft, maar dat slechts 1 procent eraan overlijdt.4
De meeste mannen worden overbehandeld. Ongeveer driekwart van de mannen met een lage PSA-waarde – tot ongeveer 4,0 nanogram per milliliter (ng/ml) en beschouwd als laagrisicogroep – krijgt dezelfde agressieve behandeling als mannen met een hoge PSA-waarde – meer dan 20 ng/ml, de groep met een hoog risico.5
Na een TURP-operatie hebt u 79 procent kans op erectieproblemen en 10 procent kans op incontinentie.6
Na uitwendige bestraling heeft 61 procent van de mannen blijvende seksuele stoornissen. Een op de zeven heeft schade aan de endeldarm en krijgt daardoor last van pijn of loze aandrang.6, 7
Bestraling verhoogt de kans op endeldarmkanker met 70 procent: mannen die worden bestraald, krijgen 1,7 keer vaker endeldarmkanker, zegt het Amerikaanse Nationale Kankerinstituut (NCI) na een onderzoek bij 85.000 mannen tussen 1973 en 1994.
Permanente brachytherapie heeft nadelige effecten op de organen in uw onderbuik.Ongeveer 68 procent van de mannen krijgt vlak na de behandeling erectieproblemen, 28 procent heeft last van veranderingen in de stoelgang en 22 procent wordt, vaak tijdelijk, incontinent of heeft een katheter nodig om te plassen.8 Als deze behandeling met een TURP wordt gecombineerd, wordt tot 85 procent incontinent, kan tot 21 procent bestralingsproctitis (ontstekingen en andere weefselschade in de dikke darm en endeldarm) krijgen en ondervindt mogelijk 2 procent blijvende schade aan de endeldarm.9
Hormonen verhogen de kans op kanker. Androgeendeprivatietherapie (hormoonbehandeling) veroorzaakt vaak een ‘opvlamming’ die de ziekte verergert. Dat komt doordat de behandeling de testosteronaanmaak eerst stimuleert en daarna pas stopzet. Ook helpt de behandeling de prostaatkankercellen bij het produceren van een eiwit dat de uitzaaiing van kankercellen in het lichaam bevordert.10

Wat u kunt doen

Wacht waakzaam af. De vijfjaarsoverleving bij een prostaatkanker die niet uitzaait, is 100 procent, zelfs zonder behandeling.5 Mannen met een weinig agressieve vorm hebben een minimaal risico op overlijden na 20 jaar.11 Mannen met een zeer agressieve vorm moeten wél nadenken over een operatie.12
Houd rekening met een hoger risico als u zich laat steriliseren. Sterilisatie (vasectomie) verhoogt de kans op een ernstige vorm van prostaatkanker met meer dan 50 procent.13
Eet tomaten. Tomaten kleuren rood doordat ze lycopeen bevatten, een caroteen dat ook in andere voedingsmiddelen zit. Lycopeen heeft een krachtige antikankerwerking, zeker als het samen met pompoenpitolie wordt gegeten, dat de opname ervan bevordert. Als u drie of vier keer per week tomaten eet, verlaagt dat het risico op prostaatkanker, vooral als u daarbij ook twee keer per week sojaproducten eet.14 Andere goede bronnen van lycopeen, die u liefst zo rijp mogelijk eet, zijn abrikozen, paprika’s, kersen, cranberry’’s, guave, papaja, perziken, Spaanse peper, rode grapefruit, pruimen, aardbeien, watermeloen en frambozen. 
Eet Italiaans en wees niet te zuinig met het superkruid oregano. In laboratoriumonderzoek gaan prostaatkankercellen dood door carvacrol, een bestanddeel van oregano. Deze stof werkt waarschijnlijk samen met het lycopeen in de tomatensaus.15 
Eet minstens twee keer per week broccoli. Deze groente verstoort de ‘kankersignalen’ naar de prostaat.16
Stop met roken en matig uw alcoholgebruik, want dat verlaagt de kans op prostaatkanker. 
Ga meer bewegen. Ga joggen, zwemmen, fietsen of tennissen en doe dat minstens drie uur per week. Dat vermindert de kans dat u aan prostaatkanker overlijdt met ongeveer 35 procent. Zelfs met minstens vier uur per week gewoon wandelen, kunt u uw risico op overlijden al met 23 procent verlagen.17
Wees voorzichtig met statines. Deze geneesmiddelen verhogen de kans op prostaatkanker met een factor anderhalf, vooral bij mannen met overgewicht of obesitas.18
Mijd gegrild en gebraden rood vlees dat op hoge temperaturen is bereid, met name hamburgers. Hetzelfde geldt voor verzadigde vetten, melk en eieren. Hiervan is allemaal bekend dat ze het risico op prostaatkanker verhogen. Bereid kip en gevogelte in de oven om dergelijke risico’s te voorkomen.
Gebruik koolhydraatarme voeding. Diëten met een lage glykemische index, zoals dat van Atkins en Montignac, met weinig geraffineerde suikers, verlengen de levensduur van dieren met prostaatkanker met de helft – iets wat nu verder wordt onderzocht bij mensen.19
Drink groene thee. In laboratoriumonderzoek en bij proefdieren remt dit de groei en uitzaaiing van prostaatkankercellen.20
Drink granaatappelsap. Ook dit blijkt het ziekteverloop te vertragen.21
Filter uw water. Oestrogenen uit de anticonceptiepil die in het kraanwater terechtkomen, zijn een mogelijke oorzaak van het stijgende aantal prostaatkankergevallen.22
Zorg voor een goede nachtrust in een donkere slaapkamer. Mannen die meer dan negen uur per nacht slapen, hebben de helft minder kans om de ziekte te krijgen, aldus een onderzoek onder 22.000 Japanse mannen.23 Bovendien zou voortdurende blootstelling aan kunstlicht het ontstaan van prostaatkanker kunnen bevorderen. Dat komt, denken Israëlische onderzoekers, doordat het lichaam niet weet dat het nacht is, wat de aanmaak van melatonine onderdrukt.24 Als uw slaapkamer niet pikdonker is, koop dan verduisteringsgordijnen of een slaapmasker.
Ga naar buiten en geniet van de zon. Mannen met hoge vitamine D-waarden hebben 45 procent minder kans op prostaatkanker. Twintig minuten is voldoende. U kunt ook extra vitamine D gebruiken.

Welke supplementen u kunt gebruiken

Vitamine E (alfatocoferol) kan in combinatie met lycopeen de groei van prostaatkankercellen met 90 procent remmen.25 Als u alleen lycopeen slikt, gebruik dan 30 mg lycopeen per dag. Samen met vitamine E (400 IE) kunt u 15 mg lycopeen per dag gebruiken.
Omega 3-vetzuren (visolie) en selenium kunnen het ziekteverloop bij prostaatkanker vertragen. Omega 3-vetzuren bleken in het laboratorium de tumorgroei te remmen, het voortschrijden van kanker te stoppen en de overlevingskans te verbeteren.26 Eet ook vette vis: mannen die geen vis eten, hebben drie keer meer kans op prostaatkanker.27
Lijnzaadolie of gemalen lijnzaad (30 g per dag) bij een vetarm dieet kan de groei van kankercellen vertragen en de celdood bij prostaatkankerpatiënten verhogen.28
Calciumrijke voeding kan het risico op ernstige prostaatkanker verlagen.29 Gebruik vooral niet-zuivelproducten (bijvoorbeeld gedroogde kruiden, donkergroene bladgroenten, vis als sardine, zalm en regenboogforel, amandelen, paranoten en sesamzaad). Zuivel is namelijk in verband gebracht met prostaatkanker. 
Pollen- en zegepalmextracten kunnen beide een vergrote prostaat laten slinken, de groei van kankercellen in het lab remmen en PSA-waarden laten dalen.30
DHEA en rode klaver. Door het bijnierschorshormoon DHEA (dehydro-epiandrosteron) te gebruiken, vult u de natuurlijke DHEA-voorraad van het lichaam, die bij het ouder worden afneemt, weer aan. Rode klaver is rijk aan isoflavonen, en ook die helpen prostaatkanker te voorkomen.31
Bijenpropolis bevat de fenylethylester van koffiezuur (CAPE). In het laboratorium blokkeert deze stof de toegang van kankercellen tot voedingsstoffen.32

 

Bronnen:
1 Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationaal Kompas Volksgezondheid. Bilthoven: RIVM, <http://www.nationaalkompas.nl>, Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.14, 12 dec 2013; Nederlandse Kankerregistratie, beheerd door IKNL, januari 2014
2 http://www.cancer.gov/cancertopics/factsheet/cancer-advances-in-focus/prostate; http://seer.cancer.gov/csr/1975_2008/results_merged/sect_23_prostate.pdf 
3 J Natl Cancer Inst, 2009;101:1325-9
4 Lancet, 2003;361:859-64
5 Arch Intern Med, 2010;170:1256-61
6 J Natl Cancer Inst, 2000;92:1582-92
7 N Engl J Med, 2008;358:1250-61
8 Radiother Oncol, 2007; 82: 46-9
9 Eur Urol, 2002;41:427-33
10 Cancer Res, 2007;67:9199-206
11 JAMA, 2005;293:2095-101
12 J Clin Oncol, 2009;27:4300-5
13 J Clin Oncol 31,2013;suppl:abstr 5086
14 Cancer Res, 1999, 9: 225-30; Cancer Prev Res [Phila], 2013;6:548-57
15 Posterpresentatie op het Experimental Biology 2012 congres, 24 april, 2012, San Diego, Californië
16 PloS One, 2008;3:e2568
17 Presentatie op het American Association for Cancer Research Frontiers in Cancer Prevention Research congres, 8 december, 2009, Houston, Texas
18 Am J Epidemiol, 2008;168:250-60
19 Cancer Prev Res [Phila], 2009;2:557-65
20 Cancer Metastasis Rev, 2010;29:435-45
21 Clin Cancer Res, 2006;12:4018-26
22 BMJ Open, 2011;1:e000311
23 Br J Cancer, 2008;99:176-8
24 Chronobiol Int, 2009;26:108-25
25 Biochem Biophys Res Commun, 1998;250:582-5
26 Br J Cancer, 1999;81:1238-42; Br J Urol, 1998;81:730-4; J Clin Invest, 2007;117:1866-75
27 Lancet, 2001;357:1764-6
28 Urology, 2001;58:47-52
29 Prev Chronic Dis, 2012;9:110125
30 Cell Biol Int, 2001;25:1117-24; Br J Urol, 1990;66:393-7; Int J Oncol, 2007;31:593-600
31 Cancer Prev Res [Phila], 2009;2:134-42
32 Cancer Prev Res, 2012;5:788-97
 

Met dank aan http://www.medischdossier.org