De rol van organisch silicium bij osteoporose


Osteoporose (botontkalking) is een ziekte waarbij het bot steeds meer openingen bevat: het wordt poreuzer. Eigenlijk is het geen botontkalking maar botarmoede. Er verdwijnt namelijk niet alleen kalk uit het bot maar de hele structuur verzwakt.

Een mineralentekort en een slechte botmatrix (voornamelijk eiwitten) samen, veroorzaken osteoporose. Er is dus meer aan de hand dan simpel calciumverlies. Osteoporose vormt een belangrijk volksgezondheidsprobleem. Met name de hieraan gerelateerde fracturen als gevolg van botontkalking geven een grote druk op de kosten voor de gezondheidszorg. Fracturen van de heup, polsen en wervels komen het meest voor.

Risicofactoren
Helemaal precies weten wij niet waarom de een wel en de ander geen botontkalking krijgt. Osteoporose komt zowel bij mannen als bij vrouwen voor, hoewel het bij mannen minder vaak voorkomt en pas op latere leeftijd toeneemt dan bij vrouwen. Bij vrouwen zorgen hormonale veranderingen na de menopauze voor een extra botverlies dat zich relatief snel ontwikkelt en dat bovenop het geleidelijke verlies komt van het ouder worden. De botdichtheid verschilt per mens. Wel is er duidelijk een aantal risicofactoren voor het krijgen van (vroegtijdige) osteoporose. Dit zijn: erfelijkheid en leefomgeving, bepaald medicijngebruik, te weinig of geen lichaamsbeweging, andere ziekten of aandoeningen, roken, gebruik van te veel alcohol of koffie en tengere lichaamsbouw.

Wat hebben de botten nodig?
De onevenredige nadruk op calcium als belangrijkste botopbouwer zorgt ervoor dat veel vrouwen en mannen met een verhoogd risico op osteoporose niet weten dat er ook nog andere, even belangrijke voedingsstoffen zijn. Onderzoek toont aan dat calcium op zichzelf zelden effectief is, dus zorg ervoor ook voldoende andere mineralen en vitaminen te gebruiken die nodig zijn bij de botopbouw. Het belangrijkste mineraal voor onze botten is organisch silicium.

Wat is het belang van organisch silicium?
Het belang van silicium verdient beslist meer aandacht en bekendheid dan tot nu toe het geval is. Silicium bevordert de actieve botgroei; het is te vinden aan de rand van het bot (osteoblasten). Silicium heeft een katalytische werking op de aanmaak van hydroxyapatiet (calciumfosfaat-verbinding) dat samen met het collageen de intracellulaire substantie van het bot vormt. Het bepaalt mede het verhardingsproces van het bot. Silicium komt in bijna alle weefsels voor, maar vooral in de huid, de aorta, het spierweefsel, het hart en het skelet. Het mineraal silicium (siliciumdioxide of kiezelzuur) is biologisch inactief en wordt niet opgenomen door het menselijk lichaam. Dit in tegenstelling tot de organische vorm van silicium die wel biologisch actief is. Organisch silicium kan in drinkbare vorm en als een uitwendige gel gebruikt worden. De mobiliteit van personen met gewrichtsslijtage gaat er aanzienlijk op vooruit wanneer men dit element krijgt toegediend. Een oplossing van silanol van 4 gram per liter, waarbij men 20 ml per dag neemt, is aan te raden. Als uw vingernagels gemakkelijk breken, als u rimpels krijgt of uw haar grijs wordt, kunt u een tekort hebben aan silicium.

Vitamine D
Het gehalte van vitamine D in het bloed staat in direct verband met de sterkte van de botten. Onder invloed van het bijschildklierhormoon PTH mobiliseert vitamine D ook calcium en fosfor uit het bot tijdens de nieuwvorming. Vitamine D3 zorgt ervoor dat calcium via de dunne darm uit de voeding wordt opgenomen en is daarmee een onmisbare vitamine. De naam vitamine D is feitelijk niet juist. Het is eigenlijk een pro-hormoon dat uit een cholesterolachtige molecuul in de huid wordt geproduceerd onder invloed van zonlicht. Tijdens de zomer hebben we dan ook meer vitamine D3 in ons bloed.
Op dit moment is er een wetenschappelijke discussie gaande over de aanbevolen inname van vitamine D3. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat de huidige normen (veel) te laag zijn.
De in zonlicht en vitamine D gespecialiseerde Dr. Michael Hollick geeft in zijn boek 'The UV advantage' een dosering aan van 1000 IE (25 mcg) vitamine D per dag. Hij adviseert extra suppletie met 400 IE (10 mcg) in de zomer en tot 1000 IE in de winter. Dit staat in schril contrast met de in Nederland geldende zeer lage ADH (Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid) van 200 IE (5 mcg). Voor wat betreft de schadelijkheid van grotere doses zien we dat voor vitamine D een norm gehanteerd wordt van 40.000 IE of meer per dag; dit is ruwweg 200 maal de aanbevolen hoeveelheid.
Buitenlucht en extra suppletie van vitamine D3 is dus van essentieel belang voor een gezonde botvorming.

Het is essentieel om een vroegtijdige botmeting te doen; dit om te voorkomen dat men osteoporose pas ziet als het te laat is!

DEXA-meting
Er staan verschillende methodes tot onze beschikking om een beeld te krijgen van de situatie van ons bot. De DEXA is de algemeen geaccepteerde referentiemethode. Met een lage dosis straling wordt de botdichtheid op specifieke risicoplekken onderzocht, zoals de lendenwervels, het bovenste deel van het dijbeen en soms de onderarm.
Uit verschillende studies is gebleken dat de DEXA-meting van de wervelkolom met name op hogere leeftijd in toenemende mate onbetrouwbaar wordt door artrose en extraossale (= buiten het bot; red.) verkalkingen. Om die reden heeft meting van de botmineraaldichtheid aan de heup de voorkeur.
Er zijn tegenwoordig ook meer toegankelijke methoden om de botgesteldheid te bepalen.

Ultrasoon-hielmeting
Botmeting met kwantitatieve ultrasound is een veelbelovende, betrekkelijk nieuwe techniek voor de diagnose van osteoporose. Botmeting met ultrasoon berust op echo, dus elke meting is volledig zonder risico. De afremming van de golf wordt gemeten. Sterk bot laat de lage frequenties door en remt de hoge frequenties meer af dan zwak bot. Hierop berust de meting. De hielmeting met bijvoorbeeld de Pegasus van DMS voorziet informatie over de botmassa vergelijkbaar met een DEXA van de heup. Elke meting, zowel de DEXA-meting als de Ultrasoon-meting, zijn altijd plaatselijke metingen; deze geven echter een goede indruk van de totale botgesteldheid.

Ultrasoon-meting vingerkootjes
De meting wordt uitgevoerd op 4 stukjes bot van de hand, de vingerkootjes. De meting gaat volgens dezelfde principes als de hielmeting. Men krijgt bovendien een zeer uitgebreid rapport met de waarden van zowel de botmineraaldichtheid als het fractuurrisico. Deze waarden zijn gestandaardiseerd volgens de gradaties van de World Health Organisation (WHO) en deze meetmethode is goedgekeurd door de FDA.
Het grote voordeel van de ultrasoon metingen zijn de grote toegankelijkheid voor iedereen en de veiligheid. Er komt namelijk geen straling bij te pas.




Auteur: © Elly Korzelius
Literatuur (Ankertje): Osteoporose, de stille epidemie
Ankh Hermes, ISBN: 90-202-0190-5

Met dank aan: De Natuur Uw Arts