Geneeskunde, geneeskunst en heelkunde

Genezen een kunst?

“Een menselijk wezen maakt deel uit van het geheel dat door ons ‘heelal’ wordt genoemd .... een deel dat beperkt is in tijd en ruimte. Hij ervaart zijn gedachten en gevoelens als zijnde afgescheiden van de rest -- een soort optische illusie van zijn bewustzijn. Deze illusie is een soort gevangenis voor ons, die ons beperkt tot onze persoonlijke wensen en tot de genegenheid voor enkele personen in onze nabijheid. Onze taak moet zijn om onszelf uit deze gevangenis te bevrijden door het verbreden van onze cirkel van compassie en alle levende wezens en het geheel van de natuur in haar schoonheid te omarmen.”
(Albert Einstein)

Hoe kijken we aan tegen ziekte? En wat doen we ermee? Het lijkt alsof we in de loop der eeuwen gigantische sprongen hebben gemaakt bij het genezen van ziektes. De westerse geneeskunde lijkt welhaast tot bijna alles in staat. Of toch niet?

Inleiding
Als kind was ik al gefascineerd door de biologie van het menselijk lichaam. Ik verdiepte me al snel in de feedback systemen van de verschillende hormoon producerende klieren, en hoe een, zelfs met een gewone microscoop onzichtbare dubbele DNA streng helemaal kon bepalen hoe wij als mensen in elkaar staken. Het was voor mij een wonder, dat ik maar moeilijk kon bevatten. De keuze voor de studie geneeskunde was dan ook vrij logisch. Hoewel ik op veel vragen antwoorden kreeg kwamen er eigenlijk nog veel meer vragen bij. Steeds had ik een onbestemd gevoel dat dit niet de hele waarheid was, maar ik kon niet aangeven wat het dan was dat ik miste. Ik had me voorgenomen in elk geval datgene wat ik kon leren over de mens ook daadwerkelijk goed te leren. Dat lukte, en toch bleef het gevoel iets te missen, het was niet compleet.
Na een aantal jaren als huisarts te hebben gewerkt had ik wel ontdekt dat mijn ideaal om iedereen te helpen niet haalbaar was. Ik begaf me op een ander terrein, dat van de psychologie en psychotherapie. Via de gedragstherapie en de hypnotherapie kwam ik uiteindelijk terecht in de neuro-linguïstische psychotherapie (NLPt). Een uiterst effectieve manier om mensen met allerlei mentale en emotionele problemen verder te helpen. Maar ook hier voelde ik nog steeds beperkingen. Dus ging mijn zoektocht verder en kwam ik uiteindelijk uit bij de eeuwenoude wijsheden van de sjamanen in Zuid-Amerika. Maar zelfs nu ik veel wist over alle lichamen, het fysieke, het mentale, het emotionele en het spirituele lichaam, bleef het gevoel dat er wat ontbrak. Terwijl ik toch dacht alles in huis te hebben voor het helen van mensen. In dit artikel wil ik proberen te beschrijven wat ik op mijn zoektocht ben tegengekomen en wat er volgens mij nodig is voor werkelijke heelwording.

Ziekte en gezondheid
Er zijn veel definities van gezondheid, waarvan die van de WHO (de wereld gezondheids organisatie) het meest gebruikt wordt. In 1948 stelde de WHO: gezondheid is een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebreken.
En hoe dan ziekte te definiëren?
Van Dale geeft de volgende omschrijvingen van het woord ziekte: 1. het ziek zijn; 2. elk van de bijzondere vormen waarin het ziek zijn zich voordoet; 3. abnormale gesteldheid of neiging.
Iedereen heeft er wel een bepaald idee over wanneer we het over ziekte hebben. Maar wat is het nu werkelijk? Hoe kijken we ertegen aan, en vooral ook: wat doen we ermee? Laten we eerst eens kijken naar het perspectief van de westerse wereld.
De westerse geneeskunde is een nog vrij jonge vorm van geneeskunde. Zeker wanneer we deze bijvoorbeeld naast de eeuwenoude traditionele chinese geneeskunde zetten. Toch is er in de korte tijd dat ze bestaat al veel veranderd, de ontwikkelingen zijn zeker na de tweede wereldoorlog stormachtig geweest. De oorsprong  van de westerse geneeskunde lijkt terug te voeren tot het rationalisme. Tot de tweede wereldoorlog was er veelal sprake van empirische geneeskunde, vooral gebaseerd op ervaringen. Pas in de laatste decennia is er sprake van grootscheepse onderzoeken die verschillende methodes vergelijken. Het medische model gaat bij uitstek uit van het dualisme, een scheiding van lichaam en geest.
De diagnostische mogelijkheden van ziektes zijn enorm toegenomen. Moest de arts het vroeger hebben van zijn gezonde verstand en zijn zintuigen, tegenwoordig lijkt dit vervangen door bloedonderzoek, röntgenonderzoek, CT-scans, MRI-scans, PET-scans en nog veel meer geavanceerde onderzoekingen. In de huidige westerse geneeskunde is ziekte iets dat afwijkt van de norm. De norm wordt vastgesteld door de statistieken. En voor de diagnose van de ziekte worden criteria vastgesteld, waaraan moet worden voldaan voordat men inderdaad kan zeggen dat er van een bepaalde ziekte sprake is.

Is dit altijd zo geweest? Wanneer we naar de geschiedenis kijken dan is ziekte iets van alle tijden. In vroegere tijden werd ziekte vaak gezien als een straf van God. Andere culturen zagen het als een bezoek van demonen. Weer andere culturen zagen het als een uit balans zijn, niet in evenwicht met de natuur. Het is duidelijk: andere culturen benaderen ziekte op een heel andere manier. Voor de sjamanen in de oude culturen is het niet een diagnose die belangrijk is, maar er wordt vooral gekeken waar de zieke niet in harmonie is met diens omgeving, met de goden, met Moeder Aarde. Ziekte is dan een gevolg van dysbalans, een verstoord evenwicht, die zich op het fysieke vlak uit.

Westerse benadering van ziekte
Tegenwoordig wordt ziekte echter vooral gezien als iets dat ons overkomt. Iets dat ons toevalt, toevallig! De westerse geneeskunde heeft dan altijd wel een percentage beschikbaar, de kans dat deze mens met deze achtergrond die bepaalde aandoening krijgt is zoveel procent. Helaas gaat de statistiek voorbij aan het feit dat, wanneer je de aandoening hebt je hem ook voor 100% hebt, en niet voor bijvoorbeeld maar 5%. Dit doet denken aan de beroemde uitspraak van Godfried Bomans over de statistiek: “een statisticus waadde vol vertrouwen door een rivier die gemiddeld één meter diep was. Hij verdronk….” De mens is geen ding die door de statistiek te vangen is in getallen, dat is duidelijk.
In onze maatschappij stijgt het aantal ziektes en syndromen snel. Dit is echter niet alleen omdat de diagnostische mogelijkheden snel uitbreiden met allerlei moderne apparatuur. Het lijkt of er een continue strijd gaande is tussen de mens en zijn ziektes. Dan wint de mens weer, en dan weer de ziekte. Ging men vroeger vaak dood aan een longontsteking, tegenwoordig is deze aandoening grotendeels overwonnen. Maar de nieuwe ziektes zoals AIDS, het Ebola virus, het vogelgriepvirus, enz. zijn op dit moment onze vijanden in deze voortdurende oorlog, om het nog maar niet te hebben over kanker. Het is oorlog, en de middelen waarmee gestreden wordt, worden steeds gemener. Antibiotica (wat letterlijk “tegen het leven” betekent!), cytostatica, virostatica, er worden steeds nieuwere en krachtiger middelen ontwikkeld. Maar de andere kant zit niet stil, één bacterie is er al in geslaagd ongevoelig te worden voor alle antibiotica, de MRSA bacterie. Ook het AIDS virus ontwikkelt zich, de virusremmende middelen van het eerste uur werken al lang niet meer. De strijd gaat door!
Valt het u ook wel eens op dat er tegenwoordig bijna geen mens meer overlijdt aan “ouderdom?” Dat iemand gewoon leeft tot hij of zij fysiek “op” is? Ondanks alle oorlogstuig van de mens wint meestal toch de ziekte het uiteindelijk.

Andere modellen
Misschien moeten we toch eens kijken naar andere modellen? Zou het mogelijk zijn dat ziekte, of een symptoom, een signaal van het lichaam is dat er ergens aandacht aan moet worden besteed? Dat er iets in je leven uit balans is? Zoals men vroeger wel zei: “Je kwaal is je profeet.” Willen we nog op deze manier kijken naar ziekte? Of is het makkelijker de symptomen het zwijgen op te leggen door een pil te slikken?
Als ziekte en symptoom inderdaad een boodschap willen geven, hoe komen we daar dan achter? Er zijn boeken over geschreven die de boodschap per symptoom aangeven, maar klopt dat wel? Zijn we dan toch allemaal hetzelfde?
Persoonlijk denk ik niet dat het zo eenvoudig is dat we alleen maar even in een boekje hoeven op te zoeken wat de boodschap van een bepaald symptoom is. Voor mij is er maar één manier om daarachter te komen, ga naar binnen, zoek de stilte diep in jezelf en vind daar het antwoord. Zelf merk ik altijd weer hoe wijs mijn lichaam is door mij middels bepaalde symptomen te laten weten dat ik hier of daar uit balans ben. Door goed te luisteren naar dat wat groter is dan mijn kleine ik, het onbewuste, kan ik veranderen wat veranderen moet, de balans herstellen. Door zo naar ziekte te kijken, kan men uiteindelijk zelfs diepe karmische patronen ontrafelen! Wie zo leeft heeft de Westerse geneeskunst nog maar zelden nodig. Het is een heel andere benadering, geen oorlog, maar vrede sluiten met de ziekte en ontdekken wat de ziekte voor goeds wil brengen. Maar laten we eerst eens verder kijken naar de geneeskunde.

Geneeskunde en geneeskunst
Wat is eigenlijk het verschil tussen geneeskunde en geneeskunst? De vraag stellen is al bijna hem beantwoorden. Kunde wil zeggen dat je iets kunt, je hebt een bepaalde vaardigheid geleerd, zoals je een aap ook een kunstje kunt leren doen. Dat is niet denigrerend bedoeld naar de geneeskunde, maar het geeft aan dat we het hierbij vooral hebben over vaardigheden. Kunst gaat echter voorbij de vaardigheden. Weliswaar zijn er vaardigheden nodig voor het beoefenen van kunst, maar er is meer, en dat meer is moeilijk in woorden uit te drukken, en is ook niet zo makkelijk te leren als een vaardigheid, zoals het opensnijden van een abces. De vergelijking tussen kunde en kunst lijkt parallel aan de vergelijking tussen kennis en wijsheid. In de oude culturen wordt geleerd dat kennis is, dat je weet wat de structuur van water is (H2O). Wijsheid is dat je weet hoe je het moet laten regenen.


En dan: wat is heelkunde? Marcel Messing heeft het wel eens gekscherend over heelkunde die werd tot halve-kunde, wanneer hij het symbool van de caduceus met de dubbele slang vergelijkt met het huidige symbool van de medische wereld, de aesculaap met slechts één slang.

De caduceus, ofwel de Hermesstaf, is de staf van Hermes, die in de mythologie bekend staat als de boodschapper van de goden. De staf met de vleugels symboliseert dit boodschapper zijn. Langs de staf kronkelen zich 2 slangen omhoog, symbool voor de wereld van mens en dier die wil opklimmen naar het Licht. In de alchemie worden de beide slangen gezien als zinnebeeld voor het evenwicht tussen de stoffen sulphur en mercurius (zwavel en kwik), dat wil zeggen de principes van het brandende en de vluchtigheid. Bovenop de staf is een schaal, die staat voor de wereld van Lichtwezens, die de Hoogste Wereld draagt. En de bol bovenop is symbool voor de Onbenoembare Wereld vol Liefde, die alles doorstraalt. De caduceus wordt ook wel vergeleken met de zenuwbanen in het ruggemerg, de staf is dan het ruggemerg, en de slangen zijn de links en rechts ervan gelegen zenuwbundels. In de oude oosterse geschriften worden deze slangen Ida en Pingala genoemd. In die geschriften staat de geestelijke groei van de mens middels meditatie en yoga technieken centraal. In deze uitleg staat de knop bovenop de staf voor de pijnappelklier, die weer tot leven komt als de energieën van links en rechts zich daar verenigen.
De aesculaap bevat slechts één slang, dit symbool is verbonden met Asklepios of Aesculapius, de god van de geneeskunde. Rond Asklepios hing een mystieke sfeer. Een oud prototype van de aesculaapstaf is een eveneens door twee slangen omwonden staf van de Soemerisch-Akkadische god van de geneeskunde en de onderwereld, Ningizzida, die overigens met een gehoornde slang werd afgebeeld en de persoonlijke beschermgod van koning Gudea van Lagasj (ca. 2100 v. Chr.) was. De slang als symbool voor de geneeskunde kent diverse verklaringen, het gif van de slang zou in lage doses als geneesmiddel werken, de slang legt steeds de huid af en vernieuwt, wat een teken van verjonging is. In de mythologie symboliseert de slang ook de verbinding tussen het Aardse leven en het hiernamaals. In de oudheid was het primaire doel van de arts om de ziel te redden van de zieke, en in mindere mate het genezen van de symptomen door technisch ingrijpen. De priesters van Asklepios legden alleen maar de dromen uit die de zieken kregen wanneer zij zich in de buurt van de tempel hadden neergelegd om te slapen, zij kregen dan in een droom het middel ter genezing aangereikt.
Wanneer ik denk aan heelkunde, dan zit daar het woord heel in, het is de kunde, of liever nog de kunst, om de mens weer heel te maken. De Westerse geneeskunde heeft hier zeker een aandeel in, op het fysieke vlak hebben zij veel mogelijkheden geschapen, maar voor de andere niveaus van de mens is weinig aandacht, vandaar dat de vraag inderdaad is of de geneeskunde in de laatste eeuwen niet een slang verloren is en verworden is tot halve-kunde. En zoals Marcel Messing beschrijft in zijn boekje “van Levensboom tot Kruis” is het vooral de kennis van de menselijke levensboom die verloren is gegaan, hoe de spirituele groei van de mens kan plaatsvinden.
In dit artikel wil ik proberen meer duidelijkheid te krijgen over dit soort begrippen. Ik wil mij daarbij absoluut niet afzetten tegen de westerse geneeskunde, want ook al is het mogelijk halve-kunde, dan omvat het dus nog steeds wel de helft, die we dan ook goed kunnen en mogen gebruiken. Waar het vooral om gaat is hoe we het weer tot heel-kunde kunnen maken, door een synthese met aanvullende geneeswijzen. Met een synthese bedoel ik dat we niet gewoon de oude en de nieuwe methode naast elkaar zetten, ik bedoel hiermee dat ze beiden mogen bestaan, én dat, door ze samen te voegen, er iets geheel nieuws kan ontstaan dat er nog niet eerder geweest is. Dan kan er, zoals ik het voel, iets enorm krachtigs ontstaan, een echte holistische benadering die uitgaat van de hele mens. Zodat de mens weer echt heel kan worden. Dan is er geen scheiding meer van lichaam en geest, maar kan ik zeggen dat ik deel uitmaak van een veel groter systeem. Of het nu gaat om mijn fysieke laag, mijn mentale laag, mijn emotionele laag of mijn spirituele, of energetische laag, het onderscheid telt dan niet meer. Klaar voor een sprong in bewustzijn!

Westerse geneeskunde
In de westerse geneeskunde is de statistiek, zoals al eerder genoemd, een tovermiddel, en soms lijkt het ook echt magisch hoe met verschillende statistische methodes de uitkomsten van een onderzoek heel verschillend kunnen zijn! De onderzoeken moeten leiden tot steeds meer protocollen, en de moderne arts werkt zo alleen nog maar protocollair, “evidence based.” In grote lijnen zijn er twee methodes die de westerse geneeskunde hanteert: die van de farmacie en die van de chirurgie. Praten met patiënten wordt steeds minder gedaan, zelfs in het vakgebied van de psychiatrie. Voor alles moet een oplossing zijn, ziek-zijn is iets dat niet in onze moderne maatschappij thuishoort.
De farmacie weet steeds nieuwe middelen te ontwikkelen, en met dubbelblind gecontroleerde onderzoekingen moet worden aangetoond dat ze ook steeds beter worden. Dat sommige van de middelen de grootste moeite hebben een klein verschil aan te tonen met de effectiviteit van een placebo (nepmiddel) geeft te denken. Ook gaat er helaas toch wel eens wat mis, want het echte wetenschappelijke onderzoek naar effectiviteit en vooral ook bijwerkingen vindt pas plaats als het middel op de markt is en op grote schaal gebruikt gaat worden. Het komt steeds vaker voor dat een middel dan opeens toch onverwachte en heel schadelijke bijwerkingen blijkt te hebben. Niettemin moeten de farmaceutische bedrijven winst blijven maken en dus draait deze molen gewoon door.
De chirurgische behandelingen worden ook steeds geavanceerder, men streeft ernaar mensen minder schade te berokkenen zodat ze sneller opknappen. Een voorbeeld is de galblaaschirurgie: vroeger een zware buikoperatie, die meestal een ziekenhuisopname van 3 weken vergde, tegenwoordig makkelijk via een kijkoperatie, vaak in een dagbehandeling.
De westerse geneeskunde lijkt heel veel te kunnen, en in een aantal gevallen lijkt dat ook een aanwinst voor de patiënt. Niet elke vooruitgang in deze geneeskunde is iets om over te juichen, de ontwikkeling van nieuwere vormen van chemotherapie die veel agressiever kanker bestrijden lijkt maar zelden tot een verbetering voor de patiënt te leiden. Genezing bieden deze middelen meestal niet, hooguit een verlenging van de levensduur, maar vaak tegen een zeer hoge prijs, enorme bijwerkingen die de kwaliteit van leven ernstig aantasten.

Geneeskunde als religie
De bekende Amerikaanse filosoof Alan Watts definieerde ooit de 3 eigenschappen waaraan men een religie herkent: credo, coda en cultus. Credo: de door God geopenbaarde kaart van het universum. Coda: de door God geopenbaarde wet, die de mens wordt geacht te volgen. En cultus: de door God geopenbaarde manier waarop de mens dit moet doen, vaak rituelen, sacramenten.
Wanneer ik deze drie eigenschappen op de westerse geneeskunde zou toepassen dan komt deze toch ook wel heel dicht in de buurt van een religie. Credo is de wetenschap, coda is de statistiek en de cultus zijn de standaarden, die meer en meer voor allerlei zaken worden gemaakt. De geneeskunde als religie, de dokter als haar priester. En wie het rechte pad verlaat is een ketter, althans, zal verketterd worden. Gelukkig tegenwoordig niet meer op de brandstapel. Maar wel aan de schandpaal!
De arts als priester. In feite niets nieuws onder de zon, in oude culturen was de sjamaan ook vaak de spiritueel leider van de stam!

Andere geneewijzen
Naast de westerse geneeskunde is er inmiddels een woud van “alternatieve” of “additieve” geneeswijzen. Veel zijn er algemeen bekend, homeopathie, fytotherapie, aromatherapie, ayurvedische geneeskunde, acupunctuur, antroposofische geneeskunde, kruidengeneeskunde, acupressuur, cranio-sacraal therapie, osteopathie, bioresonantie, healing touch, Moerman therapie, orthomoleculaire geneeskunde, natuurgeneskunde, iriscopie, bio-energetica, reflexzonetherapie, Bach bloesem therapie, sjamanisme, tai chi, reiki, enzovoorts. Allemaal beloven ze veel, maar ze krijgen geen contact met de westerse geneeskunde, omdat ze niet voldoen aan de standaarden van het wetenschappelijke onderzoek. Of men er nu in gelooft of niet, voor deze geneeswijzen lijkt er toch ook steeds, net als bij de westerse geneeskunde, een beperking te bestaan. Maar net als bij de westerse geneeskunde ontbreekt ook hier vaak het zelf-onderzoek: gewoon nagaan wat je wel kunt, ontdekken waar je grenzen liggen en duidelijk zijn in wat je niet kunt. Helaas zijn sommige alternatieve geneeswijzen in hun benadering van ziekte net zo fundamentalistisch als de westerse geneeskunde. Door zich alleen maar af te zetten tegen de westerse geneeskunde en een eigen wereldbeeld te propageren, dat geen ruimte laat voor andere zienswijzen, isoleren zij zich, waardoor het moeilijker wordt ook het goede uit deze “halve” kunde te halen.

Genezen
De vraag rijst nu: waarom hebben we in deze tijd zo verschrikkelijk veel “geneeswijzen” nodig? Genezen is iets dat de patiënt zelf doet. Dankzij of ondanks de “geneeswijzen.”  Geen nieuw geluid, Benjamin Franklin zei het al:
“God heals and the doctor takes the fees” – God geneest en de dokter strijkt het honorarium op!
En toch zoekt de westerse mens steeds vaker een genezer op, of dit nu een westerse dokter is of iemand anders. Blijkbaar heeft men dit nodig, is het te moeilijk geworden om zelf te ontdekken wat er gedaan kan worden. De eigen innerlijke dokter is buiten dienst gesteld, dus moet er een uiterlijke dokter gevonden worden! Bovendien wordt men ook vaak boos op de symptomen, omdat men het gevoel heeft dat deze van buitenaf komen. Zij voeren dan in feite een strijd met hun eigen lichaam, in plaats van terug te gaan naar een plaats van innerlijke stilte en vrede.

Niveaus van genezen en helen
Hoe vinden genezingen plaats? Als wij het over genezing hebben, dan kijken we meestal alleen maar naar de fysieke verschijnselen. Als op dat vlak de problemen weg zijn dan zeggen we dat de patiënt genezen is, die hoeft dan niet langer geduldig (patiënt) te zijn. Er is echter een verschil tussen genezen en helen. Helen houdt in dat de persoon weer heel wordt. Dit betekent een herstel van het evenwicht en een verbinding met de ziel. Interessant is ook dat we in onze taal zeggen dat iemand die ziek is beter wordt. Dit suggereert dat iemand er beter aan toe zal zijn na genezing van de ziekte.
Het is als met een lekke band. Genezen is gewoon de band plakken. Helen is ontdekken wat maakte dat je band lek raakte en die oorzaak wegnemen, zodat de band niet opnieuw lek raakt. Wat in de band of het bijbehorende voertuig  maakte dat deze precies over die spijker ging? Wanneer je dit toeval noemt geloof je in een ongeordend universum, waarin dingen zomaar gebeuren. Maar wanneer je gelooft dat er in het universum een bepaalde orde is, dan is het interessant om uit te vinden wat er nu precies in de band is, dat die spijker aantrekt. Einstein zei het zo: “God speelt geen dobbelspel met het universum.”
Helen is dan ook een proces dat niet van buitenaf kan komen. Het komt altijd van binnenuit, van een diep niveau. Mensen van buitenaf, zoals artsen, therapeuten, helers, kunnen een ondersteunende rol hebben, die zeker belangrijk kan zijn. Maar de patiënt moet voor echte heelwording vooral diep bij zichzelf te rade gaan. Voor een proces van echte heling is het dan ook nodig dat de patiënt verantwoordelijkheid neemt voor zijn eigen ziekte en symptomen, dus afstand neemt van het slachtofferschap, dat tegenwoordig in het westerse denken maar al te vaak normaal wordt gevonden. De patiënt moet dan ontdekken dat ziekte niet iets is dat je “overkomt bij toeval,” iets dat “je toevalt….” Daarbij vind ik het zeer belangrijk aan te geven dat ziekte niet gezien moet worden als een straf! Zoals ik eerder al aangaf is ziekte iets waar je echt beter van kunt worden.
Het proces van helen speelt zich af op verschillende niveaus: het fysieke, het mentale, het emotionele en het spirituele niveau. Op elk van deze niveaus kan de patiënt zelf belangrijke stappen zetten.
Allereerst het fysieke niveau. Hier is de levensstijl van belang, voeding, maar ook de verbinding met de natuur. Medicijnen kunnen als steun voor het lichaam worden gebruikt, mits op de goede manier toegepast. We moeten ervoor waken dat we niet vergiftigd worden door allerlei zaken vanuit de omgeving. En of we nu medicijnen, kruiden of homepathische middelen gebruiken, het is steeds weer het lichaam dat zichzelf geneest.
Op het mentale niveau gaat het om onze gedachten. Die moeten we richten op het goede, en niet op alles dat ons door de Westerse wereld wordt opgedrongen met veel lawaai. Een valkuil is dat mensen soms het gevoel hebben dat ze absoluut positief moeten zijn. Dat is niet alleen onhaalbaar voor mensen die in de dualiteit leven, het is ook niet handig. Wat echt nodig is, is flexibiliteit, zodat je op elke situatie weer gepast kunt reageren.
Ons denken bepaalt onze emoties. Dus als we ons denken zuiver houden zullen onze emoties dat ook zijn. Emoties als neerslachtigheid, wrok en boosheid verminderen de normale weerstand van het lichaam, waardoor we meer ontvankelijk zijn voor ziekte. En tegenwoordig is een heel normale menselijke conditie er één vol angst en vrees. Er zijn 4 hoofdcategorieën van emoties: boos, bedroefd, bang en blij. Het zal duidelijk zijn dat de emoties van de laatste categorie degene zijn die het lichaam helpen te helen.
Op spiritueel niveau werd ons vroeger veelal geleerd dat ziekte een straf van God is, de kerken en de priesters vertelden ons dat. Tegenwoordig straffen we vaak onszelf met concepten over de zin van ziektes, zoals het concept van Louise Hay. Op zich is er niets mis met deze concepten, alleen wanneer we deze te letterlijk gaan nemen en ze op een absolute manier in de praktijk gaan brengen, dan gaan we voorbij aan het feit dat boekenwijsheid niet opgaat op zielsniveau. Het schuldgevoel dat daarmee vaak wordt geschapen doet niet onder voor het schuldgevoel dat de kerk ons in vroeger tijden wist te bezorgen. Om op spiritueel niveau te helen moeten we ons bewust zijn van de universele Wet van Aantrekking. We moeten onze energie dan richten op heelwording, en niet op de symptomen die ons hinderen. Heelwording wil zeggen dat je echt heel wordt, één wordt tot op zielsniveau, je weer verbindend met de wijsheid van je ziel door middel van de stilte. Worden wie je werkelijk bent! Wanneer je weer verbonden bent met deze diepe wijsheid, dan is alle kennis van welke geneeswijze dan ook onbelangrijk geworden.
Als we voorbij de dualiteit kijken is alles een illusie, dan is een microbe alleen maar een materialisatie van een vibratie of een wil uit een andere wereld. Als de ziekte zo van buitenaf lijkt te komen dan moet er zeker een affiniteit zijn met iets in ons dat deze heeft aangetrokken. Dat te ontdekken leidt tot heling op het diepste niveau. Ook hier is er een valkuil: spiritualiteit heeft ook wortels nodig. Als er geen wortels zijn, kunnen we niet helemaal aanwezig zijn in deze derde dimensie, dan grijpen we ons misschien vast aan een idee, gaan we “zweven.” Er wordt vaak gezegd dat we ons ego moeten overstijgen, maar dan moeten we wel eerst een ego hebben en het kennen. Bovendien is een ego echt wel heel erg handig om in de fysieke wereld te overleven!

Deze niveaus komen niet zomaar uit de lucht vallen. Oude culturen beschrijven menselijke aura’s, energievelden. Meestal worden daarbij verschillende lichtlichamen onderscheiden. Hoewel ze vaak beschreven worden als een “schil” om het lichaam, zijn het in werkelijkheid lichamen die elkaar steeds omvatten en overstijgen. Het lichaam met de laagste vibraties (waardoor het voor onze ogen makkelijk waar te nemen is) is het fysieke lichaam. Dan komt het emotionele lichaam, het heeft een hogere trilling, bevindt zich ook op de plaats van het fysieke lichaam, maar breidt zich verder eromheen uit. Hetzelfde geldt weer voor het volgende lichaam, met een nog hogere trilling: het mentale lichaam. Vervolgens het causale lichaam als een soort brug van de meer op het fysieke georiënteerde naar het meer op het goddelijke gerichte deel van de aura.
 

Zo worden meestal zeven lichtlichamen onderscheiden, waarin de chakra’s de verbinding vormen met alle energieën om ons heen. Ervan uitgaand dat alles energie is, dan verklaart dit model heel veel. Alle energielichamen beïnvloeden elkaar wederzijds. Zo is het wel duidelijk waarom een probleem op emotioneel niveau zijn uitwerking zal hebben op het fysieke, en dat het oplossen van alleen het fysieke probleem “dweilen met de kraan open” is. Op die manier is het gebruiken van medicatie vaak het bestrijden van een symptoom, waar de oorzaak, die op een heel ander niveau ligt, niet wordt aangepakt. Wanneer ik last van mijn rug heb omdat ik ergens wrok over heb, dan helpen pijnstillers misschien prima tegen de rugklachten, maar ze zullen de bron van de pijn niet wegnemen, en dus uiteindelijk ook niet de echte pijn.
Alle energielichamen zijn met elkaar verbonden, en via de chakra’s zijn ze weer verbonden met de zee van energie om ons heen.  Wanneer alle energielichamen in evenwicht zijn, dan komen alle kleuren van de regenboog bij elkaar en vormen een prachtig aura van wit licht.
Wat Milanovich en McCune beschrijven in Het Licht zal je bevrijden is dat er in deze tijd enorme hoeveelheden van hoge Lichtfrequenties op ons afkomen. Hierdoor worden lagere energiefrequenties die wij bij ons dragen losgemaakt en gaan door ons fysieke, mentale en emotionele lichaam stromen, wat wij merken doordat we fysieke en mentale klachten krijgen. Het gaat om energieën op verschillende niveaus, het cellulaire niveau, waar de herinneringen van dit leven zijn opgeslagen, maar ook vanuit het akashaveld, waar de herinneringen zijn van alle levens. Ook vanuit het DNA, waar herinneringen vanuit meerdere generaties zijn opgeslagen, kunnen dit soort energieën worden vrijgemaakt. Uiteindelijk zijn dit allemaal oude emoties die moeten worden opgeruimd, wat alleen kan wanneer we dit soort situaties leren benaderen vanuit onvoorwaardelijke liefde. Dat is het pad naar ware vrijheid, naar een sprong in bewustzijn naar een hogere dimensie.

Naar een integratie
Echte heelkunde integreert al deze niveaus, en ziet ook de samenhang tussen de verschillende niveaus. Er wordt vaak heel makkelijk gezegd dat lichaam en geest één zijn. Ik zou verder willen gaan: lichaam en geest maken beiden deel uit van een veel groter systeem. De patiënt heeft een actieve rol: hij moet diep bij zichzelf naar binnen gaan en ontdekken wat er te doen is. De arts of de heler kan vaak heel goed symptomen bestrijden. Wat zij echter niet kunnen is de diepere betekenis vinden die de symptomen ons bieden. De kansen die ziekten ons bieden op persoonlijke spirituele groei te ontdekken. Dat is iets waar we zelf voor verantwoordelijk zijn, dat kunnen we niet aan anderen overlaten.

Is het dan niet goed om symptomen te bestrijden? Dat is absoluut niet wat ik wil uitdragen! Ik denk dat het zeker zinvol is om menselijk lijden te verlichten. Maar het kan pas leiden tot heelwording als de patiënt ook naar dat diepere niveau wil gaan. Als de patiënt bereid is te kijken naar wat er van hem of haar gevraagd wordt. Dan kan het soms heel goed helpen om symptomen te bestrijden, omdat deze soms ook weer blokkades vormen voor een verdere groei van de patiënt. Als er bijvoorbeeld sprake is van veel negatieve emoties zoals boosheid en wrok, dan kan het iemand zeker verder helpen wanneer dit wordt opgelost en de betreffende persoon de situatie met liefhebbende ogen opnieuw kan bekijken. Maar de boodschap van dit verhaal is toch vooral dat we weliswaar de band kunnen plakken, maar dat dit alleen maar genezen is. Op een ander niveau helen betekent dat de band niet meer lek zal worden, dat deze één is geworden met iets dat veel groter is.

Wat betekent dit in de praktijk?
Als we uitgaan van de gedachte dat de mens een spiritueel wezen is, dat hier is met het doel spiritueel te groeien, te worden wij hij werkelijk is, dan zijn er steeds weer allerlei zaken die hem tegenhouden, die hem terug trekken als hij stappen probeert te zetten op dat pad van spirituele groei. Wat tegenhoudt kan vaak worden herkend als belemmerende overtuigingen, innerlijke conflicten, oude traumatische herinneringen enzovoorts. Dat is op het mentale vlak, en leidt tot negatieve emoties als boosheid, angst en verdriet. Pas wanneer iemand daar helemaal van is losgekomen, kan er weer sprake zijn van groei. Het ultieme loslaten is dan vergeving, wat door mijn goede vriend Robert McDonald wordt omschreven als: “het loslaten van de wens dat de bron van de pijn verandert en dat het verleden anders geweest zou zijn.” Accepteren dat het is. De sjamaan zal dan zeggen dat er eindelijk weer de ruimte is voor een stukje van de ziel om terug te keren, om weer verbonden te mogen zijn met de gehele mens.
Natuurlijk zullen veel mensen nu denken: makkelijk gezegd allemaal, maar hoe kom ik dan van het vervelende gevoel af dat ik altijd maar bij me heb omdat ik vroeger slachtoffer was van incest? Of nog lastiger: hoe kom ik van dat sombere gevoel af, want ik heb geen idee waar het mee te maken heeft?
De eerste stap op het pad van heling is de erkenning dat het een probleem is, en dat het een probleem in jezelf is. Met de vingers wijzen naar de bron van de pijn lost nooit iets op, het zal alleen de negatieve emotie versterken die er al was. Naar binnen gaan en daar op zoek gaan naar de innerlijke bron van de pijn is de sleutel, want alleen daar kan een diepgaande verandering teweeg worden gebracht. De mens verandert niet door zijn omgeving te veranderen. Daar ligt dus niet de oplossing.
De tweede stap is om dan ook de verantwoordelijkheid voor een negatieve emotie niet langer aan de ander te geven. Zelf de verantwoordelijkheid nemen en besluiten dat je dit wilt veranderen. De intentie is de sleutel bij deze tweede stap, zelfs als je helemaal nog geen idee hebt hoe het moet gaan gebeuren. Boeddha zei het al: als de leerling er klaar voor is, dan zal de meester daar zijn. Een mooie manier om de Wet van Aantrekking toe te passen voor persoonlijke groei, zorg dat je klaar bent voor de meester en vertrouw er dan maar op dat je de persoon zult tegenkomen die je hierbij verder kan helpen.
Vaak zijn mensen zelf niet in staat de mentale blokkade te zien die hen tegenhoudt om zo tot heelwording te komen. Hier kunnen genezers helpen, door hen de spiegel voor te houden en hen in liefde te helpen dit diepgaand te onderzoeken in zichzelf. Wat zeker kan helpen is wanneer men mediteert, maar ook luistert naar de taal van de dromen. De droom vormt de koninklijke weg naar het onbewuste, de droomwereld biedt ons uiterst belangrijke informatie. Doordat deze informatie vaak komt in de vorm van symbolen, is ze niet altijd eenvoudig te begrijpen. Maar door het in jezelf te onderzoeken, met misschien wat hulp, kun je ontdekken wat de droom je te vertellen heeft.

Wanneer mensen eenmaal komen tot acceptatie en vergeving van alle niet afgemaakte zaken, dan vindt er heling plaats. Letterlijk weer meer heel worden. Dichter komen bij wie je werkelijk bent. De sjamanistische tradities kennen daarvoor de Soul Retrieval, als er door een traumatische gebeurtenis het contact verloren gegaan is met een stukje van de ziel, dan kan de sjamaan dit in een andere dimensie gaan herstellen door een trance-reis te maken. De persoon voor wie de sjamaan op reis gaat moet echter zelf ook van alles doen, krijgt wel alle verantwoordelijkheid voor het herstel van de eenheid. De sjamaan ziet zichzelf dan alleen als een instrument van het universum. De sjamaan heeft geen kaart op zo’n reis, hij volgt zijn eigen voetstappen. Iets dat werd voorgeleefd door de Christus, die ook geen Christen was, en door Boeddha, die geen Boeddhist was. Leren onze eigen voetstappen te volgen is deel van de heelwording, als we luisteren naar de wijsheid van de ziel komen we op dat punt.

Hoe kijkt de westerse geneeskunde hier dan tegen aan? In het algemeen wordt aan dit soort zaken geen aandacht aan besteed. Als er sprake is van somberheid wordt er in het gunstigste geval wel gepraat met de “patiënt,” maar er zal het meeste waarde worden gehecht aan het voorschrijven van antidepressiva. Echter, antidepressiva leiden niet tot acceptatie en vergeving van oud zeer, dus dit is alleen maar een hulpmiddel om datgene te doen wat de “patiënt” tot dan toe zelf zo goed kon: de bron van de pijn wegstoppen. Maar wegstoppen betekent niet dat het weg is! Vandaar ook dat in zoveel gevallen de “depressie” na het stoppen van de medicatie terugkomt, en dat er zoveel mensen zijn die continu antidepressiva moeten slikken, omdat ze niet de innerlijke bron van de somberheid (kunnen) opzoeken. Door de medicijnen wordt de bron van de pijn weer onder het tapijt geschoffeld, net zoals het vaak jarenlang was voordat de symptomen aan de oppervlakte kwamen. Een oude wijsheid komt weer boven: de belangrijkste ziekte is onwetendheid!

En dan: als we worden wie we werkelijk zijn, hoe is dat dan? Ons hogere doel hier op Aarde, de éénwording! Maar wanneer je in onze cultuur vertelt dat je God bent dan mag je van geluk spreken wanneer je niet in een inrichting wordt opgesloten. Vertel je dit echter in de Hindoe cultuur, dan is men blij, en zal men zeggen: wat fijn dat je ontdekt dat je veel meer bent dan het “kleine ik!” Volgens de Oosterling hallucineren menselijke wezens, en hoe verder ze ontwikkeld zijn, hoe meer ze hallucineren. Het doel van onze ontwikkeling is dat we ontwaken uit de illusie en gaan beseffen wie we werkelijk zijn achter de vermomming van het “kleine ik.” Dat kunnen dokters, genezers, therapeuten enzovoorts niet voor ons bewerkstelligen. In het gunstigste geval kunnen ze ons een eindje op weg helpen, maar de boodschap blijft toch dat innerlijke transformatie, waar wij door ziektes toe worden uitgenodigd, alleen door onszelf, door onze eigen intentie, tot stand kan komen.
Het is misschien nuttig te benadrukken dat gezondheid geen staat van perfectie is. De WHO-definitie die ik in het begin noemde zou die gedachte misschien kunnen oproepen. In deze fysieke wereld is de mens echter niet perfect, dus ook niet als het gaat om zijn eigen fysieke niveau. Perfectie is iets voor het rijk van de goden, niet voor het menselijke niveau.

Ziekte door externe oorzaken?
Men zal kunnen tegenwerpen dat ziekte echt wel van buitenaf kan komen. Immers, men wordt ziek door een bacterie of een virus. Laten we dan echter niet vergeten dat bacteriën en virussen voortdurend aanwezig zijn. En dat er een zekere affiniteit in ons moet zijn, wil dit microörganisme een kans krijgen bij ons binnen te komen. En dat er allerelei negatieve emoties zijn die onze weerstand kunnen verminderen, waardoor dit gebeurt. Dan is de bacterie niet langer de bron van de ziekte, maar iets in onszelf. Hiervoor open te staan opent geheel nieuwe werelden. Met een diep vertrouwen dat het lichaam zichzelf zal genezen, wanneer wij de innerlijke balans maar herstellen.
Ook is er natuurlijk tegenwoordig heel veel te doen over ongezonde voeding, vaccins met heel veel narigheid als gevolg, schadelijke effecten van de GSM en de UMTS masten. Dat is iets waar we zeker heel voorzichtig mee moeten zijn, er wordt al teveel op ons afgevuurd waar ons fysieke lichaam last van zou kunnen hebben. Maar laten we vooral ook bedenken dat we nog veel meer last hebben wanneer we hierdoor in de emotie van angst of van boosheid terecht komen! Een emotie als wrok is gif voor het fysieke lichaam! Het is prima wanneer men actie voert tegen dit soort schadelijke zaken, ik zou dat alleen maar willen aanmoedigen. Maar laten we dit niet doen in boosheid of angst! En laten we ook vertrouwen hebben in de ongekende mogelijkheden die de mens in zich heeft, waardoor we ons bijvoorbeeld hebben kunnen aanpassen van de holbewoner die leefde van uitsluitend voedsel uit de natuur tot de Westerse mens die gigantisch veel synthetische voeding binnen krijgt, zonder daar ziek van te hoeven worden. Blijkbaar kan het fysieke lichaam zich op heel veel manieren aanpassen. Maar wanneer er sprake is van negatieve gedachten en emoties als angst, woede, wrok, dan zal het emotionele lichaam signalen geven aan het fysieke lichaam, die in de meeste gevallen ervoor zullen zorgen dat het fysieke lichaam uit balans raakt.

Heelwording
Wat kunnen we als mensen dan doen?
Mijn goede vriend Robert McDonald geeft in zijn “Het Pad naar het Hogere Doel” hiervoor een eenvoudig te begrijpen model.
Het begint met pijn. Pijn moeten we zien als een normale menselijke conditie, iedereen die leeft zal ook in zijn of haar leven pijn ervaren. De vraag is, wat doen we als we pijn ervaren? De eerste, menselijke reactie is dat we vragen “waarom?” Wanneer we deze vraag negatief beantwoorden, met andere woorden, wanneer we denken dat iemand of iets ons deze pijn aandoet om ons te kwetsen, dan komen we in gekwetstheid terecht. We ervaren hier ook vaak angst, en we anticiperen op eventuele toekomstige pijn. De pijn zou immers zomaar terug kunnen komen! Wanneer we langdurig in deze toestand zijn, dan zijn we inmiddels vergeten wat nu precies de bron van de pijn was, bijvoorbeeld, iemand gaf ons een klap. We weten niet meer dat we ons gekwetst voelen door die klap, maar de stemming is er nu één van woede, boosheid en soms ook jaloezie, kortom een toestand van lijden. Als deze woede lang genoeg duurt kan het leiden tot depressie, en nog later tot wanhoop, suïcidaliteit.  Als we dan nog een stap verder bij de bron van de pijn vandaan gaan komen we uiteindelijk terecht in gevoelloosheid, een toestand waarin iemand geen pijn meer ervaart, geen emoties meer heeft. Deze mensen worden heel vaak ten onrechte aangezien voor heiligen, zij zijn immers altijd gelijkmatig. Maar we moeten bedenken dat zij alleen maar heel ver bij de bron van de pijn vandaan zijn geraakt, zonder innerlijk hierin iets op te lossen. Door te blijven verwachten dat de bron van de pijn zou moeten veranderen om gelukkig te worden kunnen we in zo’n toestand terecht komen.
Wat is dan het alternatief? Als we de vraag “waarom?” stellen en we hebben een positief antwoord, dan komen we in een ander soort bewustzijn. Als we ontdekken dat er een positieve intentie kan zijn, dat de bron van de pijn (degene die ons sloeg) een positieve intentie heeft (één van de diepe overtuigingen van de Destination® Methode van Robert McDonald is dat er achter elk gedrag een positieve intentie schuilgaat), dan kunnen we komen tot acceptatie van de pijn. En als we nog verder willen gaan, spiritueel willen groeien, dan kunnen we van daaruit komen tot vergeving, het loslaten van de wens dat de ander anders zou zijn geweest. Als we daartoe in staat zijn, dan ontstaat ware vrijheid. Dan worden we niet langer gehinderd door allerlei negatieve emoties, dan kunnen we groeien, we kunnen ontdekken wat we willen in dit leven, wat onze missie is, wat onze hogere visie is, om uiteindelijk bij ons ware, hoogste doel terecht te komen, bijvoorbeeld een hemel op aarde creëren. Hier is men dus niet zonder gevoel, integendeel, er zijn veel emoties. Maar deze worden ten positieve aangewend. De sleutel om hier te komen is dus de acceptatie, het herkennen van positieve intenties achter alles en bij iedereen. Dan kunnen we een gezond emotioneel lichaam hebben, waardoor het fysieke lichaam ook gezonder geïnformeerd wordt.

Een pad
Een mooi voorbeeld van een pad dat deze ontwikkeling kan weergeven is voor mij het Inka Medicijnwiel. Veel oude tradities hebben hun eigen varianten van een Medicijnwiel, en in de kern hebben ze vaak heel veel gemeen.
In dit Medicijnwiel starten we in het Zuiden, het pad van de slang. Hier is de bedoeling dat we ons persoonlijke verleden afschudden, zoals de slang haar huid afschudt. Als we ons persoonlijke verleden afschudden komen we tot niet-oordelen, niet-vastzitten aan van alles en niet-lijden. In het engels mooi samengevat met: Walk in Beauty.
Hierna komt het pad van het Westen, het pad van de jaguar. Hier schudden we ons archetypische verleden af, datgene wat we allemaal hebben meegekregen, waarbij de kern is dat we onze basisangst, de angst voor de dood, afschudden, voorbij de dood gaan, of in de termen van Marcel Messing: sterven voordat je sterft. Door eerst het persoonlijke en dan het archetypische verleden af te schudden zijn we volledig beschikbaar voor onze ervaringen, kunnen we daadwerkelijk in het nu leven. De oefeningen die hier worden geleerd zijn  zuiverheid, integriteit, de waarheid spreken en leren niets persoonlijk te nemen.
Daarop volgt dan het pad van het Noorden, het pad van de kolibrie, dat kleine vogeltje dat de onmogelijke reis maakt van Brazilië naar Canada, het vogeltje dat ons leert direct te drinken van de nectar van het leven! Hier kom het moment dat we ons kunnen verbinden met de Spirit, de Grote Geest, het Goddelijke.  Hier kunnen we, doordat we leren open te staan voor het nieuwe, in een ruimer bewustzijn komen, een plaats waar we voorbij het ego gaan, een eenheidservaring.
Tenslotte is er het pad van het Oosten, het pad van de condor en de adelaar (die volgens de mythe van de Inka’s ooit vleugel aan vleugel zullen vliegen!). Dit is de plaats om al het geleerde, alle ervaringen, de hogere visie (adelaar!) mee terug te nemen in het dagelijkse leven, het daadwerkelijk te gaan leven. De oefeningen van dit deel van het Wiel: stilte, overgave en vrijheid. Hierdoor kunnen dankbaarheid en compassie ontstaan.
Dit pad kan men steeds weer opnieuw lopen, het lukt ons mensen nooit alle zaken in één keer af te schudden, maar door telkens weer deze cirkel in te gaan kunnen we ontwikkelen, groeien naar hogere niveaus van bewustzijn.

Een eenvoudige manier om dit pad te beschrijven is: eerst is alles wat het lijkt te zijn, maar als we blijven kijken dan is niets wat het lijkt te zijn, alles verandert. Als we ook daarnaar gewoon blijven kijken zonder te oordelen, dan komen we in een staat waar alles is wat het is. En als we ook daarnaar blijven kijken zonder oordeel komen we in de Inka-staat: alles is Licht.

Samenvatting
Het is niet eenvoudig in het woud van alle geneeswijzen aan te wijzen wat er allemaal goed is. Welke geneeswijze men ook kiest, naar mijn mening is er niet één die tot heelwording kan leiden zonder dat de “patiënt” zelf de verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar symptomen, en naast allerlei andere opties ook besluit de weg naar binnen te kiezen, de stilte van binnen te vinden om te horen wat de ziel te vertellen heeft. Negatieve emoties loslaten, komen tot acceptatie en vergeving in ons leven. Alleen dan kunnen we spiritueel groeien, en meer worden wie we werkelijk zijn, zodat we ook steviger staan in deze tijd van transformatie, waarin we het hoofd kunnen bieden aan de hoger wordende trillingen en klaar zijn voor de sprong in bewustzijn die er komen gaat. En daarvoor hoeven we gelukkig geen perfect lichaam te hebben!
Als we het in het Westen hebben over gezondheid dan wordt er eigenlijk vooral gedoeld op het fysieke lichaam. Wanneer we ons alleen daarop richten, en alleen op dat niveau de balans proberen te herstellen, dan is er geen sprake van heelkunst, maar« halve-kunst. Door ook de andere niveaus erbij te betrekken, kan er sprake zijn van ware heelkunst.

 


© Henk de Vos
vosjes.box@wanadoo.nl
april 2008

 


Literatuur

Alan Watts, Oosters en Westers denken, Mirananda, 2000
Alberto Villoldo, Shaman, healer, sage, Harmony Books, 2000
De Moeder, Alle leven is yoga; Ankh-Hermes, 1997 (H8)
G.J. van Lamoen, Paranormal geneeswijzen en sjamanisme, Prana nr. 33, 1983, pp 57-61
Henri van Praag, Van helers en heilanden, Prana nr. 33, 1983, pp 45-56
Jaap Huibers, Rationele en irrationele denk- en handelwijzen in de geneeskunde, Prana nr 155, 2006, pp 77-90
Joan Parisi Wilcox, Keepers of the ancient knowledge, Vega, 2001
Ken Wilber, Een Beknopte Geschiedenis van Alles, Lemniscaat, 1997
Marcel Messing, van levensboom tot kruis, Ankh-Hermes, 1994
Marcel Messing, De stilte die tot ons spreek, Ankh-Hermes, 1981
Marcel Messing, gnostische wijsheid in Oost en West, Ankh-Hermes,1991
Norma Milanovich & Shirley McCune, Het Licht zal je bevrijden, Petiet, 1999
Robert McDonald, Healing The Wounded Heart (handout van de gelijknamige cursus)
Sandra Ingerman, Soul Retrieval, HarperSanFrancisco, 1990
William MacGarey, Edgar Cayce als genezer, Ankh-Hermes, 1988