‘Gehoorzaam God, niet de paus’


April 2010, Hans Kung schrijft open brief aan bisschoppen.

De kerk beleeft haar ergste geloofwaardigheidscrisis sinds de Reformatie in de 16de eeuw,
zegt de Zwitserse theoloog Hans Küng. Nu BenedictusXVI vijf jaar paus is, schrijft de criticus een open brief aan de bisschoppen. ‘Het kan zo niet verder. Als u blijft zwijgen, bent u medeplichtig.’

Eerwaarde bisschoppen,

Joseph Ratzinger, nu paus Benedictus XVI, en ik waren de jongste theologen op het Tweede Vaticaans Concilie van 1962 tot 1965. Nu zijn we de oudste die nog actief zijn. Ik heb mijn theologische werk altijd beschouwd als dienstverlening aan de rooms-katholieke kerk. Ik doe deze oproep dan ook omdat ik oprecht bezorgd ben om onze kerk. Ik heb geen andere manier om u te bereiken dan een open brief.

Ik stelde het enorm op prijs dat de paus mij, zijn onverbloemde criticus, uitnodigde voor een vriendelijk gesprek van maar liefst vier uur, kort nadat hij in functie was getreden. Dit wakkerde mijn hoop aan dat mijn vroegere collega aan de universiteit van Tübingen een voortdurende vernieuwing van de kerk zou stimuleren.

Jammer genoeg werden mijn verwachtingen niet ingelost. In mijn latere correspondentie met de paus heb ik dat meermaals duidelijk gemaakt. Zijn dagelijkse taken als paus voert hij zeer nauwgezet uit, maar als het om de grote uitdagingen van onze tijd gaat, heeft zijn pontificaat meer kansen gemist dan het aangegrepen heeft.

Gemist: de kans op toenadering tot de protestantse kerken. In plaats daarvan werd hen de status van kerk ontzegd. Daardoor worden hun ambten niet erkend en is interkerkelijke communie niet mogelijk.

Gemist: de kans op een verzoening op lange termijn met de joden. Hij heeft notoire antisemitische bisschoppen terug in de kerk opgenomen en pleit actief voor de zaligmaking van paus Pius XII, die onvoldoende bescherming bood aan de joden in nazi-Duitsland. Het staat vast dat Benedictus het jodendom enkel ziet als de historische oorsprong van het christendom; hij neemt het niet ernstig als een actieve religieuze gemeenschap.

Gemist: de kans op een dialoog met moslims in een sfeer van wederzijds vertrouwen. In plaats daarvan maakte Benedictus in zijn onbezonnen maar symptomatische lezing van 2006 in Regensburg een karikatuur van de islam als een religie van geweld en onmenselijkheid.

Gemist: de kans op verzoening met de gekoloniseerde inheemse volkeren van Latijns-Amerika. In plaats daarvan beweerde de paus in alle ernst dat ze ‘verlangden’ naar de religie van hun Europese veroveraars.

Gemist: de kans om de Afrikanen te helpen door hen de toestemming te geven om voorbehoedsmiddelen te gebruiken om de overbevolking tegen te gaan en hiv te bestrijden.

Gemist: de kans om vrede te sluiten met de moderne wetenschap door de evolutietheorie duidelijk te bevestigen en stamceltherapie te aanvaarden.

Grootste gemiste kans

Ook gemist: de kans om van de geest van het Tweede Vaticaans Concilie het kompas te maken voor de hele katholieke kerk, met inbegrip van het Vaticaan zelf, en om zo de vereiste hervormingen in de kerk te stimuleren. Dat laatste punt, eerwaarde bisschoppen, is het ergste van allemaal. Keer op keer heeft de paus beperkingen aan de conciliaire teksten toegevoegd en ze tegen de geest van de conciliepriesters in geïnterpreteerd. Keer op keer heeft hij uitdrukkelijk een standpunt ingenomen dat ingaat tegen het Oecumenische Concilie, dat volgens de kerkelijke wetten het hoogste gezag van de katholieke kerk vertegenwoordigt:

Hij nam de bisschoppen van de traditionele Pius X-gemeenschap opnieuw in de kerk op zonder enige voorwaarden – bisschoppen die op een illegale manier buiten de katholieke kerk waren ingewijd en die centrale punten van het Tweede Vaticaans Concilie verwerpen (onder andere de liturgische reformatie, vrijheid van godsdienst en een verzoening met het jodendom).

Hij pleit op alle mogelijke manieren voor de middeleeuwse Tridentijnse mis en houdt af en toe eucharistievieringen in het Latijn, met zijn rug naar de congregatie gekeerd.

Hij weigert om toenadering te zoeken tot de anglicaanse kerk, zoals uitgewerkt werd in officiële oecumenische documenten van de Anglicaans-Rooms-Katholieke Internationale Commissie. In plaats daarvan heeft hij geprobeerd om gehuwde anglicaanse geestelijken naar de rooms-katholieke kerk te lokken door hen te bevrijden van de regel van het celibaat, een regel die tienduizenden rooms-katholieke priesters gedwongen heeft om uit hun ambt te treden.

Hij heeft de anticonciliaire krachten in de kerk aangemoedigd door reactionaire functionarissen te benoemen voor sleutelfuncties in de curie en overal ter wereld reactionaire bisschoppen aan te stellen.

Gelatenheid en frustratie

Paus Benedictus XVI lijkt steeds meer afgesneden van de grote meerderheid van de leden van de kerk, die steeds minder acht slaan op Rome en zich in het beste geval enkel identificeren met hun plaatselijke parochie en bisschop.

Ik weet dat velen van u onder deze situatie lijden. In dit anticonciliaire beleid krijgt de paus de volledige steun van de Romeinse curie (de pauselijke regering). De curie doet haar best om alle kritiek in het episcopaat en in de kerk in de doofpot te stoppen en de critici op alle mogelijke manieren in diskrediet te brengen.

Met veel pracht en praal hebben de reactionaire krachten in Rome getracht om ons een sterke kerk voor te spiegelen, met als façade een absolutistische ’stedehouder van Christus’, die als enige persoon de wetgevende, uitvoerende en juridische macht in handen heeft. Maar het herstelbeleid van Benedictus heeft gefaald. Al zijn spectaculaire optredens, demonstratieve reizen en openbare verklaringen hebben de opinie van de meeste katholieken over controversiële problemen niet kunnen beïnvloeden. Dat geldt vooral voor kwesties rond seksuele moraliteit.

U, als bisschoppen, hebt meer redenen dan wie ook om diep bedroefd te zijn: tienduizenden priesters zijn sinds het Tweede Vaticaans Concilie uitgetreden, meestal omwille van de celibaatregel. De roepingen voor het priesterschap, het zusterschap en lekenbroederschap zijn afgenomen – niet alleen in aantal, maar ook in kwaliteit.

Gelatenheid en frustratie verspreiden zich snel onder de clerus en de actieve leken. Velen voelen zich in de steek gelaten met hun persoonlijke behoeften. In veel bisdommen weerklinkt hetzelfde verhaal: lege kerken, lege seminaries en lege pastorieën. In veel landen worden, vaak tegen de wil van de parochieledenparochies samengevoegd tot steeds grotere ‘parochiegroepen’ omdat er niet genoeg priesters zijn. In die grote parochiegroepen worden de weinige overblijvende priesters zwaar overbelast. Dit is een schijnhervorming van de kerk, geen feitelijke hervorming!

Alsof al die crisissen niet volstonden, komt er nog een schandaal bovenop: de onthulling van misbruik van duizenden kinderen en jongeren door geestelijken – eerst in de VS, dan in Ierland en nu in Duitsland en elders. En als kers op de taart leidde de afhandeling ervan tot een leiderschapscrisis zonder voorgaande en een verval van het vertrouwen in de kerk.

Het lijdt geen twijfel dat het wereldwijde systeem voor het toedekken van seksuele misdrijven door geestelijken werd uitgedokterd door de Roomse Congregatie van de Geloofsleer onder kardinaal Ratzinger (1981-2005). Onder het bewind van paus Johannes Paulus II had die congregatie dergelijke gevallen al onder een eed van strikte geheimhouding afgehandeld. Op 18 mei 2001 stuurde Ratzinger zelf een plechtig document naar alle bisschoppen waarin ernstige misdrijven (‘epistula de delictis gravioribus’) werden besproken. Daarin werd gesteld dat gevallen van misbruik werden afgedekt door het ’secretum pontificium’. De overtreding van die regel kon leiden tot ernstige ecclesiastische straffen. Daarom verwachtten veel mensen terecht een persoonlijk mea culpa van de voormalige prefect en huidige paus. In plaats daarvan liet de paus de kans die de heilige week bood voorbijgaan: op paaszondag liet hij zijn onschuld ‘urbi et orbi’ verklaren door de decaan van het College van Kardinalen.

Zes voorstellen

De gevolgen van al die schandalen voor de reputatie van de kerk zijn dramatisch. Belangrijke kerkleiders hebben dit al toegegeven. Talloze onschuldige en toegewijde priesters en opvoeders lijden onder het stigma van verdenking dat nu op de kerk weegt. U, eerwaarde bisschoppen, moet de realiteit onder ogen zien: wat zal er met onze kerk en uw bisdom gebeuren?

Ik ben niet van plan een nieuw programma voor een hervorming van de kerk uit te stippelen. Dat heb ik al vaak genoeg gedaan, zowel voor als na het concilie. Ik wil u enkel zes voorstellen doen, waarvan ik overtuigd ben dat ze door miljoenen katholieken, die monddood zijn in de huidige situatie, gesteund worden.

1. Blijf niet zwijgen. Anders wordt u zelf medeplichtig. Als u vindt dat bepaalde wetten, richtlijnen en maatregelen een averechts effect hebben, moet u dit in het openbaar zeggen. Stuur Rome geen betuigingen van toewijding maar roep op tot hervorming.

2. Start zelf met hervormen. Te veel mensen in de kerk en in het episcopaat klagen over Rome, maar doen zelf niets. Wanneer in een bisdom geen mensen meer naar de kerk komen, wanneer het publiek in onwetendheid wordt gehouden over de behoeften van de wereld, dan kan de schuld niet zonder meer op Rome worden afgeschoven. Elke bisschop, priester, lekenbroeder of -zuster kan bijdragen tot een vernieuwing van de kerk binnen zijn eigen invloedsfeer, groot of klein. Heel wat prachtige resultaten in individuele parochies en de kerk als geheel zijn het resultaat van een initiatief van een persoon of een kleine groep. Als bisschoppen moet u dergelijke initiatieven ondersteunen, zeker in de huidige omstandigheden.

3. Handel op een broederlijke manier. Na hevige debatten en tegen de voortdurende oppositie van de curie verordineerde het Tweede Vaticaans Concilie het broederschap van de paus en de bisschoppen. In de periode na het concilie hebben de paus en de curie deze ordinantie echter genegeerd. Zelfs in liturgische zaken regeert de paus als een autocraat over en tegen de bisschoppen. Daarom, eerwaarde bisschoppen, kunt u beter niet individueel optreden, maar de handen in elkaar slaan met andere bisschoppen of priesters en mannen en vrouwen die deel uitmaken van de kerk.

4. Onvoorwaardelijke gehoorzaamheid bent u enkel aan God verschuldigd. Hoewel u bij uw episcopale wijding een gelofte van onvoorwaardelijke gehoorzaamheid aan de paus moest afleggen, weet u dat u nooit een onvoorwaardelijke gehoorzaamheid aan een menselijk gezag kunt beloven. Daarom mag u niet toelaten dat deze gelofte u verhindert om de waarheid te vertellen over de crisis waarin onze kerk, uw bisdom en uw land verkeren. U moet het voorbeeld van de apostel Paulus volgen, die Petrus “recht in zijn gezicht beschuldigde omdat ze door hem waren gestruikeld, (Brief aan de Galaten 2:11). De roomse autoriteiten onder druk zetten in de geest van de christelijke broederlijkheid kan toegelaten en zelfs nodig zijn wanneer ze er niet in slagen om de geest en de missie van het evangelie te respecteren. Het gebruik van streektaal in de liturgie, de veranderingen in de regels rond gemengde huwelijken, de bevestiging van tolerantie, democratie en mensenrechten, het openen van een oecumenische aanpak en de vele andere hervormingen van Vaticaan II kwamen alleen maar tot stand dankzij een hardnekkige druk van de achterhoede.

5. Werk aan regionale oplossingen. Het Vaticaan is vaak doof geweest voor de gegronde eisen van het episcopaat, de priesters en de leken. Reden te meer om te zoeken naar verstandige regionale oplossingen. Zoals u maar al te goed weet, vormt de celibaatregel, die uit de middeleeuwen werd overgeërfd, een bijzonder delicaat probleem. In de context van het misbruikschandaal door geestelijken, kan deze praktijk meer dan ooit in vraag worden gesteld. Individuele episcopale conferenties moeten het initiatief nemen voor regionale oplossingen. Het zou echter beter zijn om een oplossing te zoeken voor de kerk in haar geheel. Daarom:

6. Roep een concilie samen. Ook om de liturgische reformatie, de vrijheid van godsdienst, de oecumene en de interreligieuze dialoog mogelijk te maken, was een oecumenisch concilie nodig. Nu hebben we dus ook een concilie nodig om de dramatisch escalerende problemen, die om hervorming schreeuwen, op te lossen. In de eeuw voor de Reformatie verordineerde het Concilie van Konstanz dat om de vijf jaar een concilie moet worden gehouden. De Romeinse curie is er echter met succes in geslaagd om deze regel te omzeilen. Het lijdt geen twijfel dat de curie, uit angst voor een beperking van haar macht, alles in het werk zal stellen om te voorkomen dat een concilie samenkomt in de huidige omstandigheden. Het is dus aan u om het samenroepen van een concilie door te drukken.

Onze kerk zit in een diep dal, eerwaarde bisschoppen. Daarom doe ik deze oproep: maak gebruik van het episcopale gezag, dat opnieuw werd bevestigd door het Tweede Vaticaans Concilie. In deze dringende situatie zijn de ogen van heel de wereld op u gericht. Talloze mensen zijn hun vertrouwen in de katholieke kerk kwijt. Alleen door open en eerlijk met deze problemen om te gaan en resoluut de nodige hervormingen uit te voeren, kunnen we hun vertrouwen terugwinnen.

Ik smeek u met alle respect om uw verantwoordelijkheid op te nemen in apostolische ‘vrijmoedigheid’ (Handelingen 4:29, 31) – samen met uw collega-bisschoppen in de mate van het mogelijke, maar ook alleen als het moet. Toon uw godsdienstige tekenen van hoop en aanmoediging en geef onze kerk nieuwe perspectieven voor de toekomst.

Met hartelijke groeten in de gemeenschap van het christelijke geloof,

Hans Küng

Zie ook de Duitse brief van Leonardo Boff : Kritik am Papst ‚'Es mangelt ihm an allem’  http://www.sueddeutsche.de/politik/708/508848/text/