De Werkelijke Kosten van de Atoommythe:
"Uranium Dollars" en de Economie van Kernenergie


Sinds zijn introductie in de jaren 1950 zijn de mythen rond kernenergie opgeklommen tot een complex web, zo gigantisch en meervoudig als de overstelping van schulden en tekorten bij regeringsleiders en centrale bankiers in de meeste OESO-landen. Maar net als deze alternatiefloze mythen zijn de nucleaire mythen makkelijk terug te brengen naar hun fundamenten.
We kunnen beginnen met de Moedermythe van kernenergie. Dit is zo verleidelijk eenvoudig als het vervolg op weer een andere schuld- en tekortsubsidie met gedrukt geld in Europa, de VS of Japan. We worden vandaag de dag geconfronteerd met almachtige schulden en almachtige krachten in het atoom. Door hier intelligent gebruik van te maken zullen we de ultieme macht hebben...
In feite zijn de argumenten over 'hoe het te gebruiken" en "of we het moeten gebruiken" zelfs begonnen voordat ’s werelds eerste atoombom in 1945 tot ontploffing werd gebracht. Hoe zouden we deze totale kracht en onbeperkte energie kunnen gebruiken? Zou het voor het goede of voor het kwade zijn? Hoeveel zou het allemaal kosten?

De kosten telden nooit

De atoomwetenschappers van de jaren 30, namen die we vandaag de dag nog steeds kennen als Fermi en Einstein, maakten ook ruzie over die onderwerpen. Maar als wetenschappers waren ze niet bijzonder begaan met wat het allemaal zou kosten. Pas later bij de oprichting van de VN-Organisatie voor Atoomenergie in 1956, wat in wezen een promotioneel agentschap is voor kernenergie, werden de belangrijkste onderwerpen van ondernemeningsinspanning en de daaraan verbonden verplichte nood aan overheidssubsidies in het strijdgewoel gebracht. Dit werd verkocht als het creëren van een toekomstige wereld waar atoomwapens zullen worden omgezet tot ploegscharen van energiecentrales. Terwijl atoomwapens duur waren zouden de ploegscharen goedkoop zijn zolang we er genoeg in investeerden (zo zeiden ze).



Het beminnelijke atoom: Laat u niet misleiden door de smiley, het is waarschijnlijk meer een wolf in schaapskleren.

Een andere belemmering voor de atoomwetenschappers van de jaren 30, die het hen moeilijk maakte om een idee te hebben van hoeveel kernenergie zou kosten en wat vele van hen hun leven koste door overlijden aan kanker, was dat 75 jaar geleden ze weinig wisten en daarom weinig bezorgd waren over straling en wat het deed met levende wezens. De stralingsmythe die zeer 'interessant' was maar niet gevaarlijk werd echter stevig ontmaskert door de Hiroshima en Nagasaki bombardementen, maar niet zonder een laatste wanhopige poging van bescherming door de bezette geallieerden, door de arrestatie en deportatie van elke journalist die sprak over sterfgevallen door straling. Schattingen van het aantal sterfgevallen door straling als gevolg van deze twee bombardementen variëren sterk en zijn afhankelijk van de tijdsintervalbuffer voor het maken van een schatting en ook belemmerd door de verduistering van stralingsdoden door de geallieerden, maar het totaal was waarschijnlijk ruim boven de 100.000.

Vandaag de dag, met de Fukushima ramp waardoor het plotseling OK is om openlijk te twijfelen of kernenergie schoon, veilig en goedkoop is, is het gemakkelijk om het radiologische equivalent van deze standaard 6 BWR energiecentrales en hun brandstofvijvers te vinden. Ergens tot 15 000 maal de gecombineerde stralingsvrijgave van de Hiroshima en Nagasaki bommen.

Gevaren spelen geen rol 

Onder een strenge bescherming van commerciële en nationale veiligheid, technologische complexiteit en eenvoudige desinteresse in bijna onbeperkte gezondheids- en milieuveiligheidsrisico's ... heeft de nucleaire industrie wereldwijd honderden Dag-des-oordeel-machines gecreëerd. Zij moeten nooit of te nimmer lijden aan totale kernsmelting of aan zo’n ernstige schade dat hun radiologische inventaris kan ontsnappen. Als, of eerder wanneer, dat gebeurt kunnen en zullen de gevolgen enkel maar verschrikkelijk zijn. Dit centrale feit werd bewust en consequent verborgen voor het grote publiek sinds het zogenaamde Atoomtijdperk begon.

Deze zogenaamde Faustische overeenkomst of Duivelse weddenschap remt zelfs de ongelooflijke kosten van wat een totaal oneconomische bron van electriciteit is, maar de financiële gevaren van kernenergie zelf zijn gigantisch en in feite vrijblijvend als de gezondheids- en milieugevaren.

Een prijs te betalen: Ontvouwing van het Faustiaans drama van Fukushima.

We zouden of kunnen excuses vinden voor de volgorde van de gebeurtenissen en bedekking van overhaaste en slecht geïnformeerde, onverantwoorde of technologisch arrogante beslissingen die leiden tot honderden Dag-des-oordeel-machines die rond de planeet worden gestationeerd, elk een gigantische vuile bom. Voor velen, zelfs vandaag de dag nog, ziet atoomenergie eruit als iets voor niets, en dit alleen al heeft generaties charlatans aangetrokken om in de praatcircuits in het voordeel van kernenergie te werken.

Zoals we vandaag weten hebben oude nucleaire naties die voor het eerst atoomenergie ontwikkelden in de jaren 50 en 60 snel vergrijzende en onzekere reactorvloten. Tegen 2020-2030 zullen tientallen van deze reactoren uit dienst moeten worden genomen. En wat dan? Vaktermen hiervoor zijn veilig opbergen, demontage, graflegging en sarcofaag, die allemaal te vertalen zijn naar extreem hoge kosten, zowel op korte termijn als op herhaaldelijke basis. Dit veronderstelt ook dat er aaneengekoppelde en ultieme lange termijn veilige hoog-radioactieve afvalopslagplaatsen zullen zijn, zoals het constant verlaten Amerikaanse Yucca Mountain-project, verlaten voornamelijk omwille van de extreem hoge kosten.

Wanhopig trachtend zichzelf in leven te houden, koste wat het kost en onafhankelijk van de gevaren voor het huidige en toekomstige menselijk- en ander leven op de planeet, heeft de nucleaire industrie zich teruggetrokken in zijn kampmentaliteit met technologische trukjes die variëren van thorium en andere niet-uranium gevoede reactoren, fusiereactoren en snel grootgebrachte reactoren. Hoewel niet commerciële, dat wil zeggen niet gesubsidieerd en op grote schaal, -versies van deze snelle oplossingen bestaan, is de hight-tech glans op deze zogenaamde alternatieven voldoende om sommige zwakke, ongeïnformeerde en goedgelovige personen te bekoren. Kernenergie moet een nieuwe kans krijgen, zeggen ze!

Nucleaire handelsgeest

Het belangrijkste verkooppraatje voor kernenergie, dat de kosten vrij snel terugverdiend kunnen worden uit de bijna gratis energie en kracht die het zogenaamd levert is schaamteloos gebruikt om deze Dag-des-oordeel-machines te verkopen, met name in de opkomende- en ontwikkelingslanden van Soedan naar Bangladesh en Ghana naar Mongolië. Precies hoe ze deze energie, die te goedkoop zal zijn om te meten, zullen verkrijgen blijft een duister stukje logica: gigantische en complexe lange termijn financieringsvoertuigen en pakketten zullen nodig zijn. Hoewel details in meer dan alleen commerciële en financiële geheimhouding zijn gehuld, wordt de nationale veiligheidsgreep krachtig aangewend om informatie te verduisteren, dit is uiteraard de basisstrategie van de handelsgeest.

De 46-naties van de Nuclear Suppliers Group (NSG) bestaan hoofdzakelijk uit OESO-lidmaatschappen, maar ook uit landen als Argentinië, Brazilië, China, Kazachstan, Zuid-Afrika, Turkije en Oekraïne, evenals enkele andere kleine niet-OESO-landen, maar niet uit Indië specifiek. Dit leidt terug naar de oprichting van de NSG in 1975, in het kielzog van India’s proefexplosie van een atoombom in 1974 en de gealarmeerde maar verwarde poging van leiders van de oude nucleaire naties om nucleaire technologie aan banden te leggen maar ook kernenergie te bevorderen. De permanente en de fundamentele koppeling tussen kernwapens en kernenergie werd voor iedereen duidelijk gemaakt door de Indiase proef, maar het zakenleven moest doorgaan als gebruikelijk.

Door een vreemde schizofrenie hebben dezelfde gealarmeerde politieke leiders in de oude nuclearie naties gekozen voor het negeren (of gewoon niet willen weten) dat met elke grootschalige civiele kerncentrale die ze promoten, hun leveranciers contracten aangaan om verschillende duizenden malen meer stralingsproducten binnen te halen dan deze die vrijkwamen bij de Hirishimabom.

Buiten deze pure waanzin, is nucleair mercantilisme de laatste 10 jaar en vooral sinds 2005 snel gegroeid als effectieve en reëele drijfveer. Dit reikt veel verder dan eenvoudige maximalisering van de markt- en verkoopstrategie, en de strategie wordt waarschijnlijk gecoördineerd op hoog niveau bij de belangrijkste leden van de NSG, die minder dan 15 OESO-landen bedragen.

Van oliedollars naar uraniumdollars 

Het verkooppraatje voor kernenergie is dat we massaal moeten investeren en verbruiken als we deze onbeperkte energie willen. Alleen dan zullen we landen in het Atomaire Nirvana en zullen we eindelijk de energie die te goedkoop is om te meten, beloofd sinds de jaren 50, ontvangen.

Onze brandstof is uranium en deze brandstof is ver verwijderd van de rivaliserende wereldolie of andere koolwaterstoffen voor de wereldwijde omzet, met een geschatte waarde ongeveer 13 miljard USD in 2010, maar zoals de nucleaire industrie graag jubelt bedragen de brandstofkosten van uranium slechts vijf procent van de totale operationele kosten. De uraniumvoorziening is krap en de import-afhankelijkheid voor de meeste grote consumentlanden is hoog. Als gevolg daarvan zullen de brandstofkosten van uranium waarschijnlijk stijgen, gewoonweg omwille van het permanente tekort aan deze reactorbrandstof en de hoge import-afhankelijkheid van vrijwel alle grote gebruikers in Europa, Japan en Zuid-Korea, wat toevallig de spot drijft met de energiezekerheidsaanspraak die gebruikt wordt om nucleaire energie te verkopen.



De toegang tot uraniumvoorzieningen, vooral in Afrika en Centraal-Azië, is al een ruilmiddel voor nucleaire financiële verpakking en de uraniumlevering schetst de onderliggende drijfveren in Chinese rivaliteit met OESO landbelangen in Afrika en Russische rivaliteit versus Westerse rivialiteit in het islamitische Midden-Azië. Het creëren van de schuld- en afhankelijkheidshaak en de recyclage van uraniumdollars is dus een essentieel onderdeel van de nucleaire verkoopsslag in volslagen onvoorbereide lage-inkomens landen, in geval van Soedan (Darfur is de thuisbasis van een van de drie grootste deposito's van hoog-zuiver uranium in de wereld) een lange-termijn burgeroorlog en in vele andere landen blootgestelt aan ernstige burgeroorlog.

Financiële gruwel 

Totdat de Fukushima ramp roet gooide in de zogenaamde nucleaire renaissance aangekondigd door de nucleaire industrie, werd dit voordien in de periode 2010-2020 voorgesteld in zoveel als 100-125 reactorverkopen in opkomende- en ontwikkelingslanden buiten China en Indië. Buiten uraniumvoorzieningen, brandstofdiensten (afval en verwerking), electrische infrastructuur en andere delen van de nucleaire waardeketen, impliceerde deze pre-Fukushima verkoopsdoelstelling een wereldwijde 10-jarige omzetwaarde van minstens 700 miljard USD. 

Met speculatiekrediet- en financiële verpakkingen door middel van nationaal schuld- en wisselkoers-gekoppeld papier, zou dit ver boven de 100 biljoen dollar in verhandelbare waarde genereren, en vooral de lange 1985-2000 periode van Derde Wereld schuldgedreven afhankelijkheid van financiële instellingen en particuliere banken van OESO-landen her-creëren.

 

Bron: Andrew McKillop voor Global Research, 22 april 2011

Vertaald door ‘t Vertalerscollectief